Financieel/Stan Huygens Journaal
993073962
Stan Huygens Journaal

Swingen tussen de museumstukken

V.l.n.r. Cato Ebeling Koning van het Scheepvaartmuseum met  Jonge Compaenen Robert Jan Volgers, Frédérique Marlefason en Cathelijn Feith.

V.l.n.r. Cato Ebeling Koning van het Scheepvaartmuseum met  Jonge Compaenen Robert Jan Volgers, Frédérique Marlefason en Cathelijn Feith.

,,Al onze afdelingen zijn volop bezig met Oekraïne”, zei viceadmiraal Arie Jan de Waard, directeur van de Materieel Organisatie bij Defensie. „Als marine brengen we er munitie heen, in NAVO-verband houden de weg vrij naar de havens en we zijn aanwezig in de Oostzee.”

V.l.n.r. Cato Ebeling Koning van het Scheepvaartmuseum met  Jonge Compaenen Robert Jan Volgers, Frédérique Marlefason en Cathelijn Feith.

V.l.n.r. Cato Ebeling Koning van het Scheepvaartmuseum met  Jonge Compaenen Robert Jan Volgers, Frédérique Marlefason en Cathelijn Feith.

Toepasselijker kon het niet op de opening van de expositie Mens op Zee in het Amsterdamse Scheepvaartmuseum, waar De Waard aanwezig was als lid van de Raad van Toezicht. „De tentoonstelling brengt het leven op zee dichtbij”, vond hij. Maar deze huidige marinemensen op zee zijn op de tentoonstelling niet vertegenwoordigd.

Michael Huijer (l.) met officiers Diana Mensink en Arie Jan de Waard.

Michael Huijer (l.) met officiers Diana Mensink en Arie Jan de Waard.

Hij kwam met mede-officier Diana Mensink, voorzitter van de vereniging van vrouwelijke militairen bij de marine (Ex-actKM), die haar achtergrond wél terugzag in de tentoonstellingsruimtes: „Er zijn beelden te zien van een 99-jarige vrouwelijke Indië-veteraan”, zei ze enthousiast.

Meer nostalgische zwart-witbeelden zijn er te zien, afgezien van video’s en schilderijen. „Wat wij in het museum kunnen tonen in onze vaste opstelling, is een fractie van onze collectie”, zei hoofd collecties Jeroen van der Vliet. „Van wat we bezitten, is 99 procent opgeslagen in depots. Eén op het marineterrein hiernaast en één in Medemblik, waar tachtig vaartuigen zijn opgeborgen...”

Frits de Ruyter de Wildt (l.) met Jeroen van der Vliet.

Frits de Ruyter de Wildt (l.) met Jeroen van der Vliet.

Wie denkt dat een museum iets stoffigs is, hoefde op de openingsavond, die begon om half negen, maar op zich heen te kijken. „Veel jongeren, hè?”, vroeg directeur Michael Huijser in de luide muziek. Velen bleken lid van de Jonge Compaenen, de vriendenclub van het museum voor liefhebbers tot 35 jaar. „Prachtig hier”, zei Frédérique Marlefason, officier van justitie in Utrecht naast haar mede-clublid Cathelijn Feith, hr-manager bij Coolblue. „Weer iets heel anders dan de kroeg!”, vond Robert Jan Volgers, ambtenaar op het ministerie van Financiën. „Kom we gaan dansen!”, zei hij tegen zijn medeleden met een glas bier in de hand. „Allemaal voor €75 per jaar”, prees hij zich gelukkig. „En gratis toegang!”

Het Scheepvaartmuseum, waar achter de blauw verlichte ramen de openingsdisco lang doorging.

Het Scheepvaartmuseum, waar achter de blauw verlichte ramen de openingsdisco lang doorging.

Toegang tot de crypte van zijn voorvader had Frits de Ruyter de Wildt nog even niet. „Jaarlijks organiseer ik een kranslegging op het graf van Michiel de Ruyter (1607-1676), in de crypte van de Nieuwe Kerk in Amsterdam”, zei hij. „Maar nu opent er de tentoonstelling over koningin Juliana en hebben ze nét een deel van de expositie voor de ingang naar de crypte gezet. Eerder was het ook al zo. Terwijl de tentoonstelling nog loopt in februari, wanneer de herdenking steeds plaatsvindt...”

Vier Indonesische bemanningsleden in 1923 op een schip van de Stoomvaart-Maatschappij Nederland, zoals te zien op de expo.

Vier Indonesische bemanningsleden in 1923 op een schip van de Stoomvaart-Maatschappij Nederland, zoals te zien op de expo.

Een tentoongestelde foto van linnenjuffrouw M. Dekker in 1917 op de ss Nickerie in de haven van New York.

Een tentoongestelde foto van linnenjuffrouw M. Dekker in 1917 op de ss Nickerie in de haven van New York.