Nieuws/Gesponsord
2086735859
Gesponsord
Gesponsord door Cybercriminaliteit
Deze inhoud valt buiten de verantwoordelijkheid van de hoofdredactie van De Telegraaf.

Violet Falkenburg opgelicht door ‘dochter’

Traditionele criminaliteit daalt, maar internetcriminaliteit stijgt. En dat blijft het de komende jaren naar verwachting doen.

Het is dus zaak dat we zelf zoveel mogelijk alert en gezond argwanend worden. Internetcriminelen worden namelijk steeds slimmer, weet tv-presentatrice en slachtoffer Violet Falkenburg intussen.

Als je het Violet Falkenburg twee maanden nadat ze is opgelicht vraagt, snapt ze nog steeds waarom ze geld heeft overgemaakt. “Ik heb er geen moment aan getwijfeld dat ik contact had met mijn dochter. En als mijn kind me om hulp vraagt, help ik haar.” Dat het niet haar dochter was, maar een internetcrimineel die haar via WhatsApp ruim 7500 euro armer maakte, ontdekte ze pas later.

Falkenburg vindt dat zoveel mogelijk mensen van deze manier van oplichting moeten horen. Ook mensen die denken: ik zou er nooit intrappen. “Ik ben zelf echt geen digibeet, ik doe alles digitaal. Phishing, daar wist ik van; ik gooi die nepberichten meteen weg en klik niet zomaar op links. Maar dat ze je ook op zo’n persoonlijke manier oplichten, wist ik niet.”

Fraude? Nee hoor!

Het verhaal: Falkenburg krijgt eerder dit jaar een WhatsApp-bericht waarin staat dat haar dochter een nieuw nummer heeft. Bij het nieuwe nummer staan de naam en de foto van haar dochter. Falkenburg slaat het nummer op en wist het oude. Niet veel later krijgt ze een bericht waarin staat dat haar ‘dochter’ een factuur moet betalen, maar dat het niet lukt omdat ze niet kan inloggen bij haar bank. Of het haar moeder wel lukt? Ja hoor, laat Falkenburg weten. Haar ‘dochter’ vraagt vervolgens of zij dan de factuur kan betalen, omdat het spoed heeft.

Falkenburg krijgt een betaalverzoek van een andere bank. Ze is aan het werk en dus druk, maar accepteert het betaalverzoek. Ook de tweede ‘factuur’ betaalt ze. Dan belt haar bank met de mededeling dat ze de transacties niet vertrouwen. Falkenburg stelt ze gerust: de betalingen doet ze namens haar dochter aan een derde partij. Met de bank aan de telefoon appt ze haar dochter nog om te checken of het klopt. Maar, zo krijgt ze te horen: ‘Fraude? Nee hoor mam, dit klopt echt.’ Ze noemt zelfs nog haar werkgever in de app en geeft aan dat de bedragen bedoeld zijn voor een collega. “Het was echt haar taal en het verliep op de manier waarop wij normaal ook met elkaar omgaan.” Falkenburg maakt vervolgens nóg een keer geld over.

Valse identiteit

Het is typerend voor de manier waarop internetcriminelen anno 2019 te werk gaan, weet Rutger Leukfeldt, senior onderzoeker cybercrime bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR). “Ze doen moeite om zo overtuigend mogelijk over te komen. En dat is niet zo moeilijk. Via openbare bronnen kun je veel informatie over mensen vinden.”

Leukfeldt doet al twaalf jaar onderzoek naar cybercrime en zegt: “Er komen steeds meer mogelijkheden om mensen op te lichten en digitaal kan dat op grote schaal. Als criminelen heel veel mensen een mail of bericht sturen en een deel van die aanvallen lukt, is dat mooi meegenomen.”

“Het is niet makkelijk te zien wie er achter zo’n aanval zit, omdat ze gebruikmaken van een valse identiteit”, vervolgt Leukfeldt. “Er is ook niet zoiets als dé crimineel en het zijn niet altijd georganiseerde groepen. Als bekend is dat je er leuk mee kan verdienen, gaan anderen het ook proberen.”

Geen schaamte

De bank van Violet Falkenburg probeerde de overboekingen nog te stoppen, maar het was voor het grootste gedeelte al te laat; ze is, op 208 euro die kon worden teruggehaald, het geld kwijt. Bij phishing krijgen slachtoffers van de bank het verdwenen bedrag terug, bij oplichting via WhatsApp is dat niet zo, weet zij nu. “Ze zeiden: we hebben je gewaarschuwd. Maar ik had op dat moment geen reden om de bank wel te geloven en mijn dochter, achteraf gezien dus mijn nepdochter, niet.”

Falkenburg schaamt zich niet voor wat er is gebeurd. Terecht, vindt Leukfeldt. “Er vindt ook wel ‘victim blaming’ plaats, wanneer het verhaal van iemand niet serieus wordt genomen door instanties en de omgeving ook nog eens roept dat je ‘daar toch niet intrapt’. Dat gebeurt vaker bij een nieuwe, onbekende vorm van oplichting.”

Hij ziet wel dat schaamte er soms voor zorgt dat mensen hun verhaal niet delen. Bij de ‘pornomail’ bijvoorbeeld, waarin staat dat iemands computer is gehackt na een bezoek aan een pornosite en dat de gegevens openbaar worden gemaakt als men niet betaalt. Of bij bedrijven die worden opgelicht, want die willen niet dat klanten denken dat ze hun zaken niet op orde hebben. Terwijl jaarlijks een op de vijf ondernemers slachtoffer wordt van een cyberaanval, weet Leukfeldt, die ook lector Cybersecurity in het mkb is bij de Haagse Hogeschool.

Wapenen

Het lastige is volgens Leukfeldt dat niet te voorspellen is wat er in de toekomst speelt. “Nu is het WhatsApp, over een maand of jaar weer iets anders. Het enige wat je kunt voorspellen, is dat internetcriminaliteit toeneemt en dat we er dus steeds meer last van krijgen. Daar moeten we ons tegen wapenen.”

Een uitdaging, want hoe bereid je je voor op iets wat er nu nog niet is? Gezond argwanend blijven, tipt Leukfeldt. “Ik heb veel slachtoffers gesproken en vaak zeggen ze toch dat er een moment is geweest waarop ze dachten dat er iets niet klopte. Maar ze waren bijvoorbeeld te druk om het te checken of kwamen daar om een andere reden niet aan toe. Toch, als je dat gevoel hebt, moet je de afzender checken, in het geval van zo’n fraude via WhatsApp bijvoorbeeld door het nummer te bellen of te vragen om een gesproken bericht. Beter een keer teveel dan te weinig. Daardoor maak je het voor criminelen moeilijker om te slagen.”

Voor meer tips om je te beschermen tegen internetcriminelen ga je naar www.veiliginternetten.nl.