Nieuws/Lifestyle
1077156413
Lifestyle

Met een schoener de kust af: ’Noordzee doet niet onder aan Middellandse zee’

Met een schoener de Nederlandse kust af: een spannend avontuur, zeker voor ’zeilmaagden’. VRIJ voer een etappe mee van Vlissingen naar Scheveningen en ontdekte hoe leuk zeilen kan zijn én – als het weer meewerkt – dat de Noordzee niet onderdoet voor de Middellandse Zee!

Daar lig ik dan, vooraan in het net naast de boegspriet van de Twister, een schoener die me vandaag in zo’n twaalf uur van Vlissingen naar Scheveningen zal brengen. Boven mij een dreigende donkergrijze hemel, onder me een wat onstuimige zee. Gezekerd en wel lig ik in het net om het voorste zeil los te maken. Spannend, maar tegelijkertijd geeft het een enorme kick.

De Twister vaart namens Fair Ferry deze zomer in etappes de Nederlandse kust af: van Harlingen naar Terschelling en dan verder naar Den Helder, Scheveningen en Vlissingen en weer terug. Mijn enige vaarervaring deed ik op in een sloepje door de Amsterdamse grachten, op veerboten en een cruiseschip. Een uitgelezen kans dus om te zien of ik zeebenen heb.

Historisch

Mijn zeilavontuur begon een dag eerder in Vlissingen, een zeer aangename, historische havenplaats die sinds de middeleeuwen vanwege de strategische ligging in verschillende handen is geweest. Zo behoorde het tot het huis Habsburg, het Spaanse koninkrijk, Engeland en de Franse Republiek, om er een paar te noemen.

Bovendien is het de geboorteplaats van zeeheld Michiel de Ruyter en floreerde de handel in de havenstad door oprichting van de Vereenigde Oostindische en en West-Indische Compagnie in de Gouden Eeuw. Nog steeds staan er panden in Vlissingen die aan die periode herinneren en kun je via het Zeeuws maritiem muZEEum een stadswandeling regelen waarbij ook aandacht wordt geschonken aan de slavernij waaraan werd verdiend.

Vanaf het station Vlissingen wandel ik langs de Westerschelde richting centrum. Bij de Oranjemolen stuit ik op het oorlogsmonument Uncle Beach, de codenaam van de geallieerde landing die hier in november 1944 plaatsvond. We will remember. Each name is a cry for peace, staat er met grote letters op een muur vlak bij de branding. De naamplaatjes eronder van omgekomen soldaten – vaak nauwelijks volwassen – maken indruk.

Een paar minuten later sta ik bij de pittoreske jachthaven. Ik eet een hapje bij Brasserie Evertsen, waar het goed toeven is met een ondergaand zonnetje, het uitzicht op de zwevende meeuwen, de vertrekkende/aankomende veerboten uit België en het standbeeld van Michiel de Ruyter.

Na het eten zet ik koers naar de Twister, die afgemeerd ligt bij Het Dok. De historische schoener staat nogal in contrast met de tegenovergelegen superjachten die voor de werf van Damen Yachting liggen.

Stuurman Robert heet me welkom en net als ik komen alle gasten vanavond al aan boord, zodat we de volgende ochtend stipt om zeven uur kunnen vertrekken. „De Twister is oorspronkelijk een vissersschip waarvan de kiel en het spant uit 1902 komen. In 1956 is de houten ’huid’ vervangen door staal. Veel later is het schip omgebouwd van vissersschip naar zeilend passagiersschip”, vertelt de stuurman trots.

Uiteraard is er rekening gehouden met corona. Bovendeks is er genoeg ruimte om anderhalve meter afstand te bewaren, benedendeks is een mondkapje gewenst. Ik sta er van te kijken hoeveel ruimte er beneden is in de schoener.

Mijn hut met wastafeltje meet zo’n 2 bij 2 meter en er zijn voor gasten twee douches en twee wc’s die extra vaak worden schoongemaakt. Er volgt een drankje met de gasten op het bovendek en voor we het weten, is het alweer elf uur. Hoogste tijd om in ons mandje te kruipen.

De ronkende generator doet de volgende ochtend dienst als wekker, wanneer we op motorkracht eerst de sluizen moeten passeren. Een hele kunst omdat het maar net past, maar voor kapitein Jans een fluitje van een cent! We tuffen nog een uurtje door de vaargeul die ons naar de Noordzee leidt, ondertussen ontbijten we bovendeks terwijl de Zeeuwse kust voorbij trekt.

Bikkelen

Het is niet alleen luieren. Het gave van deze trip is dat je ook een introductie zeilen krijgt. Dat betekent bikkelen, merk ik later wanneer we de gaffel, de ronde houten balk waaraan de bovenzijde van het (schoener)zeil is bevestigd, omhoog moeten hijsen – met drie man tegelijk! Spierballen zijn geen overbodige luxe en een beetje eelt op de handen evenmin, want sommige tere bureauhandjes bloeden bijna na het trekken aan de touwen.

Na het hijsen van de andere zeilen moeten we de touwen allemaal netjes opschieten: elk touw in nette lussen bundelen zodat ze bij het neerhalen van de zeilen niet in de knoop raken. Geestig toch hoeveel Nederlandse (spreek)woorden direct uit het zeilen voortkomen.

Terwijl de grijze lucht totaal openbreekt, krijgen we van bemanningslid Liv een beginnerscursus navigeren. We leren over lengte- en breedtegraden, de rol van hoog- en laagwater bij het zeilen, waarbij ze een treffende vergelijking maakt met een badkuip waarin je zit en wat er gebeurt met het water als je naar voren en achter beweegt.

Ook komen de symbolen op de maritieme kaarten aan bod en leren we hoe je – mocht alle apparatuur uitvallen – aan de hand van waarneembare objecten kunt inschatten waar je je bevindt. Liv legt het ontzettend leuk uit. Dan haalt zij twee navigatiedriehoeken tevoorschijn, waarna een flashback volgt naar middelbare school wiskunde.

Daarna volgt een test. „Ik heb net verteld hoe je aan de hand van gps op de kaart kunt aangeven in welke richting we varen. Nu is het jullie beurt”, lacht ze sadistisch. Maar met wat moeite lukt het de zeilgroentjes om de taak te volbrengen.

Voor de rest is het vooral genieten van het heerlijke weer en de kalme zee die door de blauwe kleur bijna mediterraan aandoet. „Dit gebeurt niet zo vaak. Jullie hebben geluk”, wordt me verzekerd. De ene gast leest een boekje, een ander doet een dutje in de zon.

Verse soep

We lunchen met verse tomatensoep in het zonnetje op het bovendek. En die zeeziekte? Nergens last van! „Maar vergis je niet, het kan ook ervaren zeilers overkomen”, waarschuwt bemanningslid Cathy.

Het passeren van de Maasmonding bij Rotterdam is best spannend. Net als in het vliegverkeer heeft ook onze kapitein contact met een verkeersleiding, in dit geval de Rotterdamse haven.

Ons trage zeilschip wordt voorlangs gepasseerd door een uit de kluiten gewassen containerschip. Maar de snelle ferry daarna gaat achter ons langs. „De grootte van een schip bepaalt niet wie voorrang heeft”, vertelt kapitein Jans. „Daar zijn regels voor.”

Later verschijnt aan de horizon de skyline van Den Haag en de pier van Scheveningen. Ik sta ook nog even aan het roer. Best lastig, maar wel te gek! Twee uurtjes later – de wind valt een beetje stil – varen we de haven van Scheveningen binnen, gevolgd door een heerlijk diner.

Zeilen smaakt naar meer.

Zo kom je er

Wij maakten deze zeiletappe van Vlissingen naar Scheveningen met Fair Ferry. In augustus, september en oktober doet de Twister nog verschillende Nederlandse kustplaatsen aan. Kijk voor een zeilschema en om te boeken op