Nieuws/Lifestyle
1201574100
Lifestyle

Zó krijg je die mountainbike onder controle!

Met de juiste techniek is een heuvel op een eitje.

Met de juiste techniek is een heuvel op een eitje.

Een goede mountainbike hebben maakt je nog geen goede mountainbiker. De juiste techniek zorgt daar wel voor. Tijd om die (eindelijk) eens te leren!

Met de juiste techniek is een heuvel op een eitje.

Met de juiste techniek is een heuvel op een eitje.

’Als je valt, is dat nooit de schuld van je mountainbike, maar altijd die van jou.” We beginnen de mountainbike-clinic met een duidelijke boodschap. De twee keren dat ik in de Veluwse bossen over het stuur van mijn mountainbike dook, was het lichte gevloek op mijn ’Beuker’, zoals ik hem liefkozend noem, blijkbaar dus niet voor mijn fiets, maar eigenlijk meer voor mij bestemd.

Op een plat stuk gras in de bossen van Lage Vuursche verzekert Benjamin de Vaal, instructeur en eigenaar van Mountainbike Challenge, me dat dat na de twee uur durende workshop niet meer hoeft te gebeuren. Op een plat stuk gras in de bossen van Lage Vuursche begint hij helemaal bij de basis. Daar is deze cursus, niveau 1, dan ook voor. De andere cursussen die hij aanbiedt, zijn onder meer niveau 2 en klimmen, dalen en drops en masterclass Balans & controle, maar die zijn voor later.

Goedkeurend kijkt hij naar mijn Cube Access Pro C:62, maar daar is opnieuw een duidelijke boodschap: „Een mooie fiets maakt je geen betere fietser, techniek wel.”

„Met kracht in je benen kom je een heel eind, maar belangrijker zijn techniek en balans”, legt hij uit. „Daarmee krijg je controle over je fiets en zorg je ervoor dat hij doet wat jíj wilt.” Herkenbaar: doorgaans trap ik gewoon stevig door en neem ik zonder na te denken wat afdalingen. Dat kan (en moet) anders.

Benjamin springt op zijn indrukwekkende grijs en felblauwe Ibis Ripmo AF erbij, rijdt een rondje en blijft stokstijf staan. Heel relaxed, de voeten op de pedalen en dus van de grond, het stuur en wiel naar rechts en zonder ook maar een beetje te bewegen.

Gecontroleerd afdalen: instructeur Benjamin de Vaal doet het voor.

Gecontroleerd afdalen: instructeur Benjamin de Vaal doet het voor.

Surplace

Het is de surplace, meteen een van de moeilijkste. Het gewicht moet recht op de pedalen, de heupen recht boven de trapas, de benen recht en het lijf ontspannen. Zo leer je welke reactie je fiets op je lijf geeft.

Dat is lastig als redelijke beginner: je moet op veel letten en ondertussen zorgt elke beweging inderdaad voor een beweging van de fiets. De eerste keren komt de teller niet verder dan twee seconden dat ik kan blijven stilstaan. Daarna gauw weer doorfietsen, want het is als het spelletje the floor is lava: we laten de voeten zo min mogelijk de grond raken.

Bij elke stilstand weet de instructeur wel iets op te merken: voeten meer naar achteren, ellebogen recht... Het zorgt ervoor dat ik meer en meer bewust van mijn houding word, maar dat ik ook vertrouwder raak met waarop op moet letten. Elk rondje wordt de stilstand iets langer. Dat voelt goed!

„Veel mountainbikers zijn geneigd hun balans uit hun armen te halen, maar dan leg je het meeste gewicht voorop, wat de mountainbike heel zenuwachtig maakt”, legt hij uit. „Bijna alles wat je doet, komt uit je benen, zeker bij de basis. Wat ik ook veel zie gebeuren, is rijden met een gespannen lijf. Logisch, zeker wanneer het spannend is. Maar hoe meer jij aanspant, des te meer jouw fiets een blok wordt.”

Daarna gaan we verder met de houding die je moet aannemen als je ’rolt’. Bij het trappen zit je op het zadel, bij het rollen sta je op de trappers, de voeten plat, je knieën in een lichte knik, de ellebogen naar buiten (monkey arms), de rug horizontaal en de kin boven de stuurpen.

Basishouding

Dit is de meest stabiele houding, de basishouding, voor als je ’de kuip in gaat’ en je dus beducht moet zijn op tegenwerking. Als je een kuil in gaat, ben je geneigd je juist schrap te zetten, met strakke ellebogen en naar achteren. Maar dan gaat het juist mis omdat de balans weg is.

Ook dat verdient oefening en wederom na de nodige rondjes op het veldje, terwijl de zon mooi door de bomen komt, is daar de beloning in de vorm van een geruststellend gevoel: niet meer het idee hebben dat ik op van alles moet letten, maar dat er controle is. Beetje bij beetje begin ik me een ware mountainbiker te voelen die haar fiets in bedwang heeft.

Maar die bovenal zin heeft er iets mee te doen, dus trekken We trekken een veldje verder, met links een voorzichtige klim. „Met de juiste techniek van versnellingen hoef je geen extra kracht te zetten om boven te komen”, verzekert Benjamin, die het weer voordoet alsof-ie nooit anders heeft gedaan. En inderdaad: Hij rijdt naar boven alsof hij over een vlakke weg rijdt.

Ik niet: ik schakel te laat en moet aardig kracht zetten om de heuvel op te komen. Eraf gaat weer een stuk gemakkelijker, met dank aan de eerder geleerde techniek: monkey arms, rug horizontaal, hielen iets naar achteren... Nu nog laat ik me met fiets en al eigenlijk gewoon naar beneden gaan, maar Na wat ritjes op en neer is daar de uitdaging: gecontroleerd naar beneden, zelfs halverwege even stilstaan. En niet omvallen, uiteraard.

Moeiteloos

Ondertussen gaat schakelen ook steeds beter: zodra er enige weerstand komt, terugschakelen en verder trappen, waardoor de ’top’ moeiteloos wordt behaald. Bij de door Benjamin neergelegde pionnen moet ik stoppen, schakelen en door.

„Als je fiets steigert, is er te weinig druk op het voorwiel, dus moet je je schouders naar het stuur bewegen. Als je fiets slipt, is er te weinig druk op het achterwiel. Als je goed in het midden zit, heb je een goede basis van waaruit je heel makkelijk reageert als hij toch slipt of steigert. Alleen je fiets verandert tijdens een klim van houding, jij niet. ” Kijk, daar ging het eerder fout: ik volgde de weg van mijn fiets, waardoor ik in een afdaling head first over mijn stuur dook.

Dan is daar de laatste uitdaging: een aardige afdaling, te nemen met een beetje aanloop. De bocht naar de afdaling toe is strak, dus is het zaak om op tijd de juiste houding aan te nemen. Met al het geleerde in mijn achterhoofd rijd Ik rijd doelbewust af op het steile, smalle paadje met aan weerszijden duidelijk niet meeverende bomen en... ga vol in de rem. Hallo, koudwatervrees! Even terug, ademhalen, nadenken en weer gaan, want het zal me lukken!Voor de bedreven mountainbiker is dit een eitje, maar Het gevoel als het eenmaal lukt, grote of kleine afdaling, zal universeel zijn: een soort jubelstemming.

Na twee uur ploeteren kan ik zeggen dat ik De Beuker onder controle heb. Ik ervaar hetzelfde als Benjamin toen hij jaren geleden begon te mountainbiken: „Ik durf veel, maar vooral als ik weet dat ik het kan. Om te weten dat ik het kan, moet ik iets snappen. Dat is ook hoe je les hebt gekregen: snappen waarom er iets gebeurt en wat jouw invloed is.”

Met een grote glimlach eindigen we de clinic. Kom maar door met die trails!

Meer informatie over de clinics? mountainbikechallenge.nl.