Nieuws/Lifestyle
1290001
Lifestyle

Dierenleed

Tijgers knuffelen is niet lief

Het knuffelen van tijgers, leeuwen en andere wilde dieren wordt graag omschreven als stoer, kicken, tof, maar dat is het verre van. Deze toeristische activiteiten zijn ontzettend wreed.

Rapper Boef deed zijn naam eer aan en raakte na het publiceren van een vlog in opspraak. Op vakantie in Thailand reed hij op olifanten en knuffelde hij tijgers. Dit bleef niet onopgemerkt door World Animal Protection Nederland, die zich op Facebook uitliet over de blog. Volgens de organisatie draagt Sofiane Boussaadi, zoals de rapper heet, bij aan het behoud van wrede dierenattracties.

 

“Heel jammer dat vlogger Boef laat zien hoe hij een olifantenrit en tijgerselfies maakt. Notabene twee van ’s werelds wreedste toeristische attracties met dieren!” Meldt de organisatie op hun pagina.

 

Wreed

Barbara van Genne van Stichting Vier Voeters vindt het kwalijk dat attracties als deze blijven bestaan. “In Azië en zeker in Thailand is dit een groot probleem. Je had er de Tijger Tempel, die na de verschrikkelijke ontdekkingen van wat daar gebeurde gelukkig ontruimd is. Daar houdt ’t alleen niet op. De dieren in deze attracties zijn vaak ondervoed, hebben veel te weinig ruimte en worden gedrogeerd. Ze komen er terecht voor toerisme, maar worden later illegaal verhandeld voor hun organen, botten of huid.”

 

“Het zijn uiteindelijk wilde dieren en ergens zou er een belletje moeten rinkelen als je die zomaar zou kunnen aaien,” vertelt van Genne. Volgens haar is de onwetendheid van mensen groot als het op dit onderwerp aankomt. “Daarnaast kan het probleem pas aangepakt worden als de overheid er iets aan gaat doen en dat gebeurt helaas ook niet overal.”

 

Onze verslaggeefster Katina Stavrianos ging mee met Stichting Vier Voeters om het luipaard Bakari uit te zetten.  In Zuid-Afrika leerde ze over canned hunting (de jacht op wilde dieren in gevangenschap) en de wrede dierenattracties waar onwetende toeristen dol op zijn. Je leest haar verhaal dit weekend in VRIJ magazine.