Nieuws/Lifestyle
1337423
Lifestyle

Spijt

’Ik trapte in zijn zielige verhalen’

Wanneer ik zeven maanden zwanger van mijn eerste kind ben, duwt mijn man me van de trap. Hij ergert zich eraan dat ik te pas en te onpas in slaap val (waar ik in mijn conditie helaas niets aan kan doen). Met pijnlijke enkels en knieën vlucht ik de deur uit.

Circa vijf jaar later vraag ik hem op onze twee kinderen te passen zodat ik een paar boodschappen kan doen. Hij wordt kwaad. Hij trapt tegen mijn scheenbeen, ik val achterover, tuimel over een leeg bierkratje en lig op mijn rug in de gang. Hij schopt en slaat me waar hij me maar raken kan. Twee huilende peuters duiken weg. Opnieuw vlucht ik het huis uit. Hij belooft beterschap, ik op mijn beurt beloof hem dat als hij me nog één keer mishandelt, ik de echtscheiding zal aanvragen.

Weer gaat het circa vijf jaar goed. Al die jaren loop ik op m’n tenen. Als ik hem maar niet kwaad maak. Wanneer ik op een avond thuis kom, voel ik de bui al hangen. Mijn man wil koffie, zijn kleding moet nog worden gestreken, etc. De bom barst. Zijn vuisten dalen neer op mijn gezicht zoals een bokser op een boksbal traint. Dan sluiten zijn handen zich om mijn hals, ik snak naar adem.

Bloed

Hij sleurt de kinderen mee: „Kijk, ik heb mama geslagen, want ze wil niet naar me luisteren!” Zij schrikken enorm van al dat bloed en rennen terug naar hun bedjes. Ik mag niet uit bed. De uren tikken tergend langzaam weg terwijl ik daar doodsbang lig. ’s Ochtends vertrekt hij naar zijn werk. Ik schrik van mezelf wanneer ik in de spiegel kijk.

Ik meld me ziek op mijn werk en ga naar de huisarts. Aangifte doen vindt mijn advocaat niet zinvol. Niemand kan immers getuigen. Een relatietherapeut vindt hij verstandiger. Ik wil echter maar één ding: scheiden.

De Raad voor de Kinderbescherming meent dat ik niet moet zeuren. Ik zal het ernaar hebben gemaakt... De Raad geeft mijn man de gelegenheid de ene leugen op de andere te stapelen. Hij heeft een tumor in zijn hoofd en wist zogenaamd niet wat hij deed.

Wat een schande dat ik zo’n zieke man aan de kant zet, vindt mijn familie. Er volgen tien jaren van verwijten, leugens, rechtbank, advocaat, formulieren en gesprekken met de Raad, taxateur en notaris. Hij weigert alimentatie te betalen.

Strijdbaar

Desondanks weet ik mijn hoofd boven water te houden, kweek twee rechterhanden, word strijdbaar, maak overuren en weet mijn kinderen een lieve stiefvader en een leven zonder angst te bezorgen. De wonden blijven echter altijd voelbaar.

Inmiddels is dat 37 jaar geleden. Mijn ex is inmiddels koninklijk onderscheiden (geen strafblad...) en is niet overleden aan de ’tumor’ in zijn hoofd.

Ik trapte destijds in zijn zielige verhalen, net als later de instanties en mijn vrienden en familie. Al die contacten heb ik verbroken. Het spijt me dat ik hem de gelegenheid gaf om me een derde keer zo zwaar te mishandelen. Het spijt me ook dat mijn kinderen getuige van zijn geweld moesten zijn, maar prijs me gelukkig dat ik voor hen de klappen heb weten op te vangen.

Lees ook:

'Het is hij of ik, zei haar zus'

’Vooroordelen over tattoos’

’Erfeniskwestie spleet familie’

’Vrouw verpietert na verhuizing’

’Te onafhankelijk voor relatie’

 

 

In deze rubriek vertellen lezers waarvan ze spijt hebben. Wilt u ook (anoniem) kwijt wat u anders zou hebben gedaan? Mail uw verhaal naar vrij@telegraaf.nl