Lifestyle/Natuur
1443612986
Natuur

Gevaarlijke tijgerpython haalt uit naar Freek Vonk: ’Het is menens’

Bioloog Prof. dr. Freek Vonk schrijft elke twee weken een column op VRIJ. Vandaag vertelt hij hoe hij in Nepal voor het eerst in zijn leven een Aziatische tijgerpython in het wild spot.

Bardíya National Park in Nepal is het domein van Bengaalse tijgers, maar ook van reptielen, namelijk tijgerpythons. Terwijl we ons een weg door dichte ondergroei aan de rand van een rivierbos banen, stuit ik onverwacht op deze enorme wurgslang. Dikker dan een lantaarnpaal, maar toch bijna onzichtbaar. De tekening van donkere, onregelmatige vlekken op een lichtere grondkleur maakt tijgerpythons perfect gecamoufleerd.

Dit is echt een enorm dier. Hoe groot precies is tussen de struiken niet goed te zien, dus ik pak ’m voorzichtig bij zijn kop en draag hem naar de droge rivierbedding. De python is zo zwaar dat er nog twee man nodig zijn om hem te dragen. Voorzichtig leggen we hem op de grond. Ik schat ’m op bijna vier meter lang.

In dit gebied kunnen tijgerpythons maar liefst zes meter lang worden en veertig tot wel vijftig jaar oud worden. Er is genoeg te eten voor ze. Ik kijk vol bewondering. Dit is een primeur: hoewel ik er al veel in gevangenschap heb gezien, is dit mijn eerste Aziatische tijgerpython in het wild!

Terwijl ik over tijgerpythons aan het vertellen ben, houdt hij elke beweging die ik maak in de gaten. De reus beweegt met me mee terwijl ik om hem heen loop, zodat zijn kop – zijn wapen – altijd naar mij toe gericht is. Diep vanuit zijn keel welt een luid gesis op, alsof er een luchtbed leegloopt. Hij haalt naar me uit om me te laten zien dat het menens is.

Het blijft oppassen. Zijn kop is bijna zo groot als mijn hand en in de bek zitten ruim honderd vlijmscherpe tanden. De rest van het lijf is één bonk spier. Als hij een paar kronkels om mijn nek en armen zou wikkelen en straktrekken, dan is het snel klaar.

"Wurgen gaat snel en efficiënt"

Tijgerpythons wurgen alles, van een zangvogel tot een hert of een jong luipaard. Gif hebben ze niet nodig. Net als andere pythons hebben Aziatische tijgerpythons hittesensoren langs hun kaken. Hiermee vangen ze de lichaamswarmte van prooidieren – voornamelijk zoogdieren – op en weten ze ze ’s nachts met griezelige precisie te vinden.

De python bijt de prooi en wikkelt zijn lijf er bliksemsnel omheen in strakke lussen. Zo wordt zoveel kracht uitgeoefend dat weefsels worden samengedrukt en de bloedtoevoer stopt. Organen die veel bloed verbruiken zoals de hersenen en het hart raken acuut in de stress.

Wurgen gaat snel en efficiënt; een prooi is al in een aantal seconden buiten bewustzijn. Belangrijk, want een bewusteloze prooi kan niet terugvechten. Als de python geen hartslag meer voelt, verslapt zijn grip en kan het feestmaal beginnen. Het duurt een paar dagen voordat zo’n maaltijd is verteerd. Al die tijd verplaatst de slang zich bijna niet.

Ik denk dat deze tijgerpython vanavond weer op jacht gaat. We dragen hem terug naar het struikgewas. Een schitterende vondst!