Lifestyle/Natuur
1563652081
Natuur

Freek Vonk over bloedzuigeraanval: ’Wondje bloedde wel vijftien uur’

Bioloog prof. Dr. Freek Vonk schrijft elke twee weken een column op VRIJ. Deze week over bloedzuigers.

Het is bloedheet in de Borneose jungle en de lucht is dik van de waterdamp. Het is regenseizoen en ik waad soms tot mijn enkels in het lauwe water. Regelmatig rust ik, om even wat te drinken en om me heen te kijken. Soms fris ik me wat op langs een stroompje. Als ik mijn schoenen en sokken uittrek om in het heldere water te stappen, zie ik dat ik ongemerkt een lifter heb meegenomen. Op mijn enkel zit een tijgerbloedzuiger!

Als ik in de jungle loop, moet ik altijd wel een keer een bloedzuiger van mijn huid verwijderen. In Sri Lanka bijvoorbeeld en een aantal jaar geleden op Sumatra; daar liet ik me expres bijten om op tv te tonen hoe bloedzuigers dat doen.

Het resultaat was niet mis: het wondje bloedde wel vijftien uur lang. Belangrijk dus om goed voor zo’n beet te zorgen. Ik bekijk de gulzig drinkende parasiet op mijn been. Voor een bloedzuiger is een tijgerbloedzuiger een prachtig dier. Vlammend oranje, met bruin, zwart en geel.

Bloedzuigers kunnen een aantal keer hun eigen lichaamsgewicht eten in een enkele maaltijd, dus ze zwellen enorm op. Ik heb geen zin om te wachten tot deze jongen zich vanzelf laat vallen als ie vol zit, dus probeer hem van me af te pulken. Wel met beleid.

Een bloedzuiger met een brandende aansteker of iets anders te lijf te gaan is niet slim. De kans is groot dat het diertje dan zijn hele maaginhoud in de wond kotst en daar komen nare infecties van! Dus haak ik mijn nagel heel rustig onder de zuignappen, die aan beide zijden van het lichaam zitten. Als je zo’n zuignap iets optilt, verdwijnt het vacuüm en laat het dier los. De tijgerbloedzuiger valt en kruipt weg, de planten in.

Tijgerbloedzuigers wachten op lage planten en struiken tot er een zoogdier voorbijkomt. Eenmaal op een blad zetten ze zich met de zuignap op hun achterlijf vast en strekken zich met de rest van hun lijf uit, met hun kop over de rand van het blad. Dat is hun aanvalspositie.

Tijgerbloedzuigers weten waar de looppaden in de jungle zijn en stellen zich daar op. Ze reageren op mechanische prikkels, zoals trillingen die voetstappen veroorzaken, en op kooldioxide die wordt uitgeademd.

Op het juiste moment laten ze zich vallen en als ze een warm stukje huid vinden, verankeren ze zich met hun vlijmscherpe kaken. Net een cirkelzaag en zo scherp dat je het meestal niet merkt als je actief bezig bent. Bovendien spugen bloedzuigers allerlei biologisch actieve stofjes zoals pijnstillers en antibiotica in het bijtwondje. Zo heeft het slachtoffer geen pijn en kan de bloedzuiger ongestoord drinken. Het duurt namelijk wel even voordat hij klaar is!

In het speeksel zitten ook antistollingsmiddelen, vaatverwijders en bloedverdunners – geen wonder dus dat hun bijtwondjes lang openblijven. Ik giet een beetje ontsmettingsalcohol over mijn enkel en plak er een pleister op. Snel weer door!