Nieuws/Lifestyle
1572250572
Lifestyle

Spijt: ’Ik ontvluchtte mijn rijke minnaar’

“Mijn relatie met een rijke, getrouwde vent ging nergens naartoe. Ik besloot radicaal voor mezelf te kiezen. Ik vertrok uit mijn betaalde appartement en liet nooit meer wat van me horen.

Ik was begin twintig, net in Amsterdam, en hing aan een bar in de binnenstad. Een knappe, wat oudere man kwam naast me staan, keek naar me via de spiegel achter de bar en riep spontaan: „Kijk eens wat een mooi stel we zijn!” Ik moest erg lachen.

Laat ik hem Jeroen noemen. Een flitsende zakenman, getrouwd. Daar zat ik helemaal niet mee; binnen de kortste keren hadden we een relatie.

Nou ja, relatie... Ik was al snel verliefd, maar ik denk dat het voor hem alleen om de seks draaide. Hij kon nooit lang blijven, want hij moest naar huis.

Na een half jaar wilde ik ermee kappen. Maar Jeroen stelde voor om een flat voor me te huren of te kopen (daar ben ik nooit achter gekomen) waar ik permanent kon wonen. Dan zou hij langskomen en ook wat langer blijven, misschien zelfs af en toe overnachten.

Dat beviel me heel wat beter. Jeroen betaalde alles; hij had blijkbaar geld te veel. Ik had toen geen doel in mijn leven en mijn los-vaste baantjes in de horeca waren geen vetpot.

Toen ik eenmaal in dat appartement woonde, bleef Jeroen met geld smijten. Ik kocht mooie, dure kleding waarin hij me graag zag. Mijn omgeving maakte ik wijs dat ik een goede job had bemachtigd. Mensen thuis uitnodigen kon alleen als Jeroen op zakenreis was, want anders kon hij zomaar voor de deur staan. We hielden onze relatie geheim voor zijn vrouw, al hoopte ik dat hij uiteindelijk voor mij zou kiezen.

Zo werd ik een betaalde minnares, al is daar natuurlijk ook een ander, minder fatsoenlijk woord voor. Een tijd lang maakte me dat geen bal uit. Ik vulde mijn dagen voornamelijk met shoppen. Als Jeroen langskwam, maakte ik het extra gezellig, stak kaarsjes aan, kookte voor hem.

Maar ik kwam erachter dat romantiek niet aan hem was besteed. Hij werkte nog net de maaltijd naar binnen waar ik urenlang op had gezwoegd, nam me mee naar de slaapkamer en vertrok na afloop weer. Ik geloof dat hij ooit twee of drie nachten is blijven slapen.

Ik besefte dat de relatie nergens zou eindigen. Op een avond had ik een vriendin aan de telefoon, de enige die wist hoe de vork in de steel zat. In tranen klaagde ik over mijn lege bestaan. „Je pakt nú je spullen en je komt naar me toe!” blafte zij.

Het ’kleedgeld’ van Jeroen nam ik mee. Ik trok gewoon de deur achter me dicht, liet geen briefje achter, stuurde geen tekstbericht, niets. Sterker nog: eenmaal in de provincie bij mijn vriendin kocht ik een ander mobieltje. Ik was onbereikbaar voor Jeroen. Hij kon me niet vinden; hij kende mijn familie en vrienden niet eens.

Een paar jaar bleef ik min of meer ondergedoken terwijl ik een nieuw, zelfstandig bestaan opbouwde. Ik weet dat ik er goed aan deed om voor mezelf te kiezen, maar de manier waarop knaagde aan me. Ik had er spijt van dat ik Jeroen op die manier in de steek had gelaten.

Vanwege familieomstandigheden kwam ik toch terug naar mijn geboorteregio. Ik durfde me niet meer in de binnenstad te vertonen. Ik bleef ook weg van Facebook en zo, uit angst dat Jeroen me zou opsporen en verhaal zou komen halen. Ik heb hem nooit meer gezien.

Een paar maanden geleden pakte ik in de wachtkamer bij de tandarts een krant die ik nooit lees. Een overlijdensadvertentie: Jeroen. Ik moest vreselijk huilen.

Deze rubriek is gebaseerd op waargebeurde verhalen. Wilt u ook (anoniem) kwijt wat u anders zou hebben gedaan? Mail uw verhaal, circa 600 woorden, naar [email protected].