Lifestyle/Thuis & Tuin
1726984200
Thuis & Tuin

Oudere heeft het voor het uitkiezen: veertien woonvormen mogelijk

Nederland vergrijst en het ouderwetse bejaardentehuis waar oma of opa eigenlijk een soort studentenkamer bewoonde, bestaat niet meer. Zeventigplussers zijn actiever, assertiever, gewend aan luxe en hebben vaak een flink eisenpakket als het om wonen gaat.

Wat is er zoal mogelijk tussen compleet zelfstandig wonen aan de ene kant en de zorginstelling aan de andere kant? Het spectrum is breed. Volgens het Actiz-Aedes Kenniscentrum Wonen en Zorg zijn er maar liefst veertien vormen, te beginnen met de overbekende aanleunwoning. Zelfstandig wonen bij een zorginstelling waar diensten en zorg kunnen worden afgenomen. Het complex kent ook zelfstandige woningen, maar met meer aandacht voor veilig en beschut wonen en een gemeenschappelijke ruimte.

Maaltijdservice

Een serviceflat is een appartementencomplex (koop of huur), waar een ’vanaf’-leeftijdsgrens geldt. Bewoners hebben diensten tot hun beschikking zoals een klussendienst, een logeerkamer of een maaltijdservice.

Een levensloopbestendige woning is een huis waarin senioren in al hun levensfases kunnen blijven wonen, ook als ze straks minder goed ter been zouden zijn. Denk aan verlaagde drempels, een inloopdouche, automatische deuropeners, brede deuren en een traplift.

Voor wie het geluk heeft over zorgzame familie/kinderen te beschikken, zijn er extra mogelijkheden. De mantelzorgwoning rukt op; een verplaatsbare, tijdelijke wooneenheid bij een bestaande woning, vaak in de achtertuin. Weer iets vrijer dan een kangoeroewoning waar ouderen echt bij hun familie inwonen. Het zijn aan elkaar gekoppelde, zelfstandige woningen of wooneenheden met een inpandige verbinding.

Gelijkgestemden

Wie z’n heil liever bij vrienden zoekt, kiest voor gemeenschappelijk wonen. De keuze om met gelijkgestemden in één pand te leven zonder dat sprake van gezinsverband is.

Deze woongemeenschappen, waarbij het natuurlijk van de omvang en financiële mogelijkheden afhangt hoe groot de zelfstandige woonruimten zijn en hoeveel gemeenschappelijke ruimten worden gedeeld, zijn volgens onderzoek goed voor de gezondheid. Deze vorm kan trouwens ook met mensen van verschillende leeftijden, de zogenoemde generatiehuizen of meergeneratie woongroepen.

In een thuishuis, een kleinschalige woonvoorziening, wonen alleenstaande ouderen met ondersteuning van vrijwilligers. Dan zijn er natuurlijk nog de moderne hofjes, waarvan de Knarrenhofjes waarschijnlijk de meest bekende zijn. Wonen rond een beschutte binnenplaats waarbij nieuwe hulpvormen mogelijk zijn.

Iets minder bekend: gestippeld wonen. Leden van een woongroep, verspreid over een complex, die elkaar toch helpen. Harmonicawonen gaat weer een stapje verder: de leden wonen geclusterd in een complex zodat ze toch wat dichter bij elkaar in de buurt zitten. Dit kan natuurlijk ook buiten een complex, dan noemt Actiz-Aedes het ’particulier wooninitiatief’.

Ten slotte de vorm die het dichtst in de buurt van het verzorgingstehuis komt: kleinschalig wonen. Een kleine groep mensen die intensieve zorg en ondersteuning nodig heeft, met elkaar in een groepswoning.