Nieuws/Lifestyle
1738665
Lifestyle

Recensie: ’Doof kind’ ✭✭✭✭

Ontroerend lesje volwaardigheid

— Wat: documentaire

— Regie: Alex de Ronde

Joachim en Tobias de Ronde (r.), de één horend, de ander doof. En allebei vloeiend in gebarentaal.

Joachim en Tobias de Ronde (r.), de één horend, de ander doof. En allebei vloeiend in gebarentaal.

Twee tegen elkaar slaande pannendeksels bevestigden het vermoeden van vader Alex de Ronde. Tobias, toen net één jaar oud, gaf geen krimp: hij was doof. „Natuurlijk vroegen we ons als ouders toen af: wat moet er in godsnaam van zo’n jongen terecht komen?” De ontroerende en zeer persoonlijke documentaire Doof kind geeft daarop het antwoord.

Joachim en Tobias de Ronde (r.), de één horend, de ander doof. En allebei vloeiend in gebarentaal.

Joachim en Tobias de Ronde (r.), de één horend, de ander doof. En allebei vloeiend in gebarentaal.

Gesprekken in gebarentaal, vrolijke jeugdfoto’s, vakantiefilmpjes van vroeger, archiefbeelden, recente filmopnames… Alex de Ronde, in het dagelijks leven directeur van de Amsterdamse bioscoop Het Ketelhuis, maakte van al dat materiaal een bonte mix. Een mix die - heel weloverwogen - steeds meer inzichten biedt.

Samen met zijn dove en inmiddels volwassen zoon - en soms ook in gezelschap van diens oudere broer – blikt vader De Ronde terug. Ze hebben ’t over de spraaktherapie, waar Tobias een grondige hekel aan had. Over de gebarentaal die alle gezinsleden vloeiend leerden spreken, daarmee elke onderlinge communicatiedrempel slechtend. Ook het jong overlijden van hun moeder komt ter sprake, al komt daar geen moment de nadruk op te liggen.

Tobias’ identiteitsbepalende keuzes voor een dovenschool in Groningen en uiteindelijk een dovenuniversiteit in Washington D.C. weegt in deze documentaire zwaarder. Omdat die gaan over de weg die hij insloeg. Over de stappen die hem nog meer bewust maakten van de rijke dovencultuur, waarin hij zich het meeste thuis voelt.

Tegelijk is er bij hem het melancholieke besef dat die cultuur eindig is, door de snelle opmars van cochleair implantaten en andere medische ingrepen. „Over 300 jaar zijn doven een museumstuk geworden en betreurt iedereen dat gebarentaal verloren is gegaan”, zegt Tobias in Doof kind. Zijn treurnis daarover is een gevoelig lesje in volwaardigheid. Want aan hem is niks mis en hij mist niks. Behalve zijn gehoor dan.