Lifestyle/Natuur
1802307131
Natuur

Wildlife-dierenarts Martine (48) leefde in het regenwoud: ’De wildernis zit in mij’

Niet geheel ongevaarlijk werk: een neushoorn een blinddoek omdoen om zijn ogen te beschermen.

Niet geheel ongevaarlijk werk: een neushoorn een blinddoek omdoen om zijn ogen te beschermen.

In de Afrikaanse bush moest zij rennen voor haar leven toen een buffel het op haar had gemunt. Maar ook vanwege haar werk met olifanten, leeuwen en giraffen kon voor wildlife-dierenarts Martine van Zijll Langhout (48) elke dag de laatste zijn. Het leverde haar waardevolle inzichten op. In gesprek met een vrouw met een missie. „De wildernis zit in mij.”

Niet geheel ongevaarlijk werk: een neushoorn een blinddoek omdoen om zijn ogen te beschermen.

Niet geheel ongevaarlijk werk: een neushoorn een blinddoek omdoen om zijn ogen te beschermen.

’Weet je waarom giraffen zo’n lange nek hebben?” Ze lijkt al te weten welk antwoord we willen geven. „De meeste mensen denken dat ze zo beter bij de blaadjes hoog in de bomen kunnen, maar ze hebben vooral zo’n lange nek om met elkaar te kunnen vechten. Het dier dat de grootste en sterkste nek heeft, wint.”

Martine van Zijll Langhout slaat haar armen hard tegen elkaar aan: pof, pof, pof! „Zo dus. Fascinerend, hè? Een van de vele wonderen van de evolutie, als je het mij vraagt.”

We wandelen samen met Van Zijll Langhout door dierentuin ARTIS in Amsterdam, waar ze als dierenarts werkt. Als het even kan, neemt zij de tijd om door het park te lopen en naar de dieren te kijken. Zoals nu, bij de giraffen. Maar ze komt ook tot rust in de Tropenkas.

Niet alleen de tropische warmte, maar ook het weelderig groen doen Van Zijll Langhout denken aan het West-Afrikaanse land Gabon waar ze lange tijd in het uitgestrekte regenwoud woonde. „In een tentje, samen met de pygmeeën”, vertelt ze. „Daar heb ik geleerd dat alles wat leeft, met elkaar verbonden is.”

Ze groeide op in Gorinchem, maar was als kind vaak op de boerderij van haar oom en tante te vinden. „Tussen de dieren was ik in mijn element.”

Bloed

Rond haar vijfde wist zij al heel zeker dat ze later veearts wilde worden. Ze vergeet nooit meer hoe een kalfje via een keizersnede voor haar neus werd geboren. Het bloed spoot in haar gezicht, maar daar maalde ze niet om. „Ik bleef gefascineerd kijken.”

Net na haar eindexamen bezocht ze haar vriendje in San Francisco. „Maar hij was druk en ik werd onrustig. Ik wilde iets te doen hebben.” Ze nam contact met een opvangcentrum voor wilde zoogdieren op: of ze als vrijwilliger aan de slag kon. „Ik mocht er voor de wilde zeeleeuwen en zeeolifanten zorgen.”

Het moment dat ze vier herstelde zeeleeuwen in de oceaan mocht loslaten, veranderde een hoop. Toen wilde ze niet veearts, maar wildlife-dierenarts worden. „Ik realiseerde me hoe belangrijk het is dat mensen zich actief voor natuurbehoud inzetten. Daar wilde ik mijn steentje aan bijdragen.”

Martine van Zijll Langhout aan het werk: bij een neushoorn wordt de hoorn verwijderd om stroperij te voorkomen.

Martine van Zijll Langhout aan het werk: bij een neushoorn wordt de hoorn verwijderd om stroperij te voorkomen.

Een jaar later begon zij aan de studie Diergeneeskunde in Utrecht en als derdejaarsstudent mocht ze stage in het Krugerpark in Zuid-Afrika lopen. „Door deze bijzondere tijd ontvlamde mijn liefde voor de wildernis en wilde dieren pas echt.”

Toch ging Martine van Zijll Langhout na haar studie eerst aan de slag als waarnemend veearts en dierenarts voor gezelschapsdieren. De wens om met wilde dieren te werken, bleef groot. Na een reis naar Namibië waar ze in het Etosha Nationaal Park voor het eerst in lange tijd weer een wilde zebra zag, zette ze alles op alles om die langgekoesterde droom werkelijkheid te laten worden. Ze zegde haar vaste baan op en vertrok voor een masteropleiding Wild Animal Health naar Londen.

Via deze opleiding kwam zij in Gabon terecht. Daar mocht ze meewerken aan het gorillanatuurbehoudsproject. Het was onder meer haar taak om onderzoek naar parasieten bij westelijke laaglandgorilla’s te doen. Daarna werd ze manager van het project.

Zintuigen

Haar eerste echte ervaring als wildlife-dierenarts was in meerdere opzichten bijzonder. Niet alleen omdat ze er samenwoonde met een kleine groep pygmeeën in een wildernis van wel 5000 vierkante meter groot en met wilde dieren mocht werken, maar ook omdat ze er onder andere leerde om op haar zintuigen te vertrouwen.

Want hoewel ze mooi een dankbaar werk deed, was het lang niet altijd veilig. „We liepen bijvoorbeeld veel over olifantenpaden en we kwamen de olifanten dus ook regelmatig tegen. Om elke dag te overleven was het belangrijk om op mijn zintuigen en lichaam te vertrouwen. Ik kon elke dag wel doodgaan. In de wildernis ben je altijd in het hier en nu, een goede plek om te zijn.”

Ook in Zuid-Afrika, waar ze zeven jaar woonde en als zelfstandig dierenarts zieke neushoorns, olifanten, en giraffen behandelde, moest ze rennen voor haar leven toen ze door een buffel werd aangevallen. „Ik moest het dier verdoven omdat het op ziektes moest worden getest.”

Net op het moment dat ze wilde schieten, zag zij de buffel op haar afkomen. Bang was ze niet. „Het interessante is: als je je in zo’n situatie bevindt, dan heb je geen tijd voor angst. Ik dacht alleen maar: rennen, rennen, rennen!”

Van Zijll Langhout voelde zich net een wild dier. „Ik heb harder gerend dan ik ooit heb gedaan. Ik voelde de adrenaline door mijn lief gieren.”

Pas nadat ze zich in veiligheid had gebracht, realiseerde zij zich dat ze er bijna was geweest. „Maar ook dat ons menselijke brein precies hetzelfde als dat van dieren werkt. Als wij stress hebben, reageren we op dezelfde manier. Veel gedragingen die wij als mens laten zien, zijn eigenlijk dierengedrag.”

Over haar avonturen in de wildernis schreef ze het boek Over leven in het wild. „Omdat het mooi zou zijn als meer mensen beseffen dat alles wat leeft, met elkaar samenhangt. Dat wij eigenlijk ook dieren zijn en dat wij niet de belangrijkste wezens op deze wereld zijn. We hebben elkaar nodig.”

Als wildlife-arts zag ze in Zuid-Afrika bovendien welke schade de mens aan de natuur kan aanrichten. Ze hielp wild met strikken om de poten of nek en zag hoe dieren door toedoen van de mens leefgebied moeten inleveren. „Veel mensen denken: als je de natuur met rust laat, komt het wel goed. Maar dat stadium zijn we voorbij. Er is actieve input van de mens nodig om de natuur te herstellen.”

Acht jaar geleden keerde Van Zijll Langhout terug naar Nederland, mede omdat ze haar familie miste. Ze woont nu in Amsterdam, vlak bij de dierentuin. „Maar de wildernis zit nog altijd in mij. Die gaat er nooit meer uit.”

Tuurlijk, het werk dat ze in Nederland bij Stichting AAP en bij ARTIS doet, is heel anders dan in de tropen. „Ik hoef hier niet op mijn buik in het gras met een verdovingspistool te liggen. Toch geniet ik ook hier van mijn werk.”

Jaguar

Van Zijll Langhout legde onlangs een jaguar onder de CT-scan omdat het dier een zere rug had. „Heel tof om te doen. Uiteindelijk hebben we haar er met pijnstilling bovenop geholpen.” Of de pelikaan die binnen een week van een pijnlijke wond aan de snavelzak genas. „Die wond heb ik moeten hechten. Het maakt me blij als ik een dier kan helpen.”

Daarnaast werkt Martine van Zijll Langhout met mensen als lifecoach. Ze wil anderen laten inzien hoe belangrijk het is om af en toe uit je comfortzone te stappen. „Het maakt je minder angstig en is een boost voor je zelfvertrouwen. Een uitdaging op z’n tijd is goed, want daar word je mentaal sterker van. Dat geldt voor dieren ook zo.”

Over twee maanden reist ze in het kader van deze missie met de Nederlandse stichting Timbo naar Botswana. Het mooie is dat zij haar passie voor de natuur hiermee kan combineren. „Ik ga, ondersteund door een team van professionele lokale gidsen en spoorzoekers, met een klein groepje mensen een week in de wildernis doorbrengen zodat ze bij zichzelf terugkomen en meer in verbinding staan met alles wat leeft”, aldus de wildlife-arts. „We kunnen namelijk veel leren van en in de wildernis!”

Bijzondere week

De Over Leven in het Wild–leiderschapstrail onder leiding van Martine van Zijll Langhout vindt van 19 tot 24 juni plaats. Tijdens deze bijzondere week verblijven gasten in het luxe vijfsterren tentenkamp Koro River Camp in de uitgestrekte wildernis van het Central Tuli-gebied aan de rivier Limpopo in Botswana.

Er is nog een aantal plekken beschikbaar. De kosten zijn 3750 euro. Alle opbrengsten gaan naar de Nederlandse stichting Timbo Afrika die zich inzet voor zich onder andere inzet voor het creëren van wildlife corridors en de re – introductie van bedreigde diersoorten in Botswana.

timbo-afrika-foundation.org