Nieuws/Lifestyle
193743371
Lifestyle

Waarom je subiet naar Zandvoort moet racen

Dit weekend is het zo ver: de Grand Prix op het circuit van Zandvoort! In welke omgeving komen de naar schatting 210.000 bezoekers terecht? Hoog tijd voor een bezoek aan Zandvoort, daar aan de zee!

We beginnen waar het allemaal om draait: het beroemde CM.com Circuit Zandvoort. Zesendertig jaar geleden werd hier de eerste Grand Prix verreden, in 1985 de laatste. Als de race vorig jaar was doorgegaan, dan was deze de boeken in gegaan als de 35e Grand Prix-race na 73 jaar. Maar ja, corona...

Nu ligt de baan er klaar voor. Betreden mogen we hem helaas niet, maar we krijgen op het vlak daarvoor gelegen terrein een heuse race-experience van MINI. In de kleine doch supersnelle wagens leren we wat Max Verstappen ongetwijfeld met speels gemak doet: korte bochten nemen, manoeuvreren, hard optrekken en op een nat wegdek vol op de rem en slippen, om vervolgens na een ruk aan het stuur weer verder te rijden.

Natuurlijk is het niet te vergelijken met de kunsten die de Formule 1-coureurs moeten uithalen, maar met op de achtergrond de statige tribunes, de uitdagende Tarzanbocht en in gedachten de actie die daar zeer binnenkort gaat plaatsvinden, voelen we ons heel even pro’s.

Goede promo

Met de komst van de Formule 1 wordt Zandvoort behoorlijk op de kaart gezet. Naar schatting zullen 100 miljoen mensen de race op televisie bekijken en de beelden van de badplaats zien. „Als van hen maar 0,1 procent denkt: ’Leuk, daar gaan we een keer heen!’, dan levert het ons al veel op”, zo verheugt Lana Lemmens, directeur Zandvoort Marketing, zich.

Aan Lana Lemmens heb je een goede om het dorp met 17.000 inwoners te laten zien. Niet alleen woont zij er al haar hele leven, maar ze is ook groot Formule 1-fan.

De binnenstad van Zandvoort

De binnenstad van Zandvoort

Maar Zandvoort is meer dan Formule 1. Natuurlijk vooral het strand. We wandelen via de Haltestraat waar straks tienduizenden mensen per dag richting circuit zullen lopen, naar het karakteristieke en fotogenieke station. Sinds 1908 is het de vervanger van het kopstation en het draagt sinds 1955 de naam Zandvoort aan Zee. Tot 1921 stapte je uit op perron Zandvoort Bad, maar na verlenging van de spoorlijn werd het station verplaatst en veranderde het van naam.

Oorlog

Overigens werd de passage van het eerste station in 1925 door brand verwoest, terwijl het destijds nabijgelegen Zandvoortse Kurhaus de Tweede Wereldoorlog niet overleefde. De oorlog richtte hier veel schade aan. Zo werd het strand verboden toegang, moest de gemeente in 1942 zelfs volledig worden ontruimd en werd alle bebouwing langs de kust, inclusief hotels, badhuizen, watertoren en de boulevard gesloopt voor de bouw van de Duitse Atlantikwall. Deze ruim 5000 kilometer lange verdedigingslinie moest de bezette gebieden tegen een geallieerde invasie beschermen.

Het bekende stationsgebouw.

Het bekende stationsgebouw.

We steken door naar het Raadhuisplein, waar het in het eerste weekeinde na het einde van de corona-restricties gezellig druk is. Het terras van Noble Tree Café zit vol, door de Haltestraat struinen mensen langs winkels.

De bankjes zitten vol oude mannetjes die dagelijks de wereldproblemen bespreken en vast ook oplossen, want dat is de mentaliteit van de Zandvoorters: lullen en toch ook poetsen. Een ons-kent-ons-mentaliteit, gezelligheid en trots hoog in het vaandel.

Dat blijkt ook wanneer we de huidige burgemeester David Moolenburgh op zijn fietsje in het centrum tegenkomen. Sinds 2019 draagt hij de ambtsketen. Goedkeurend kijkt hij naar de gezellige drukte en geeft hij tips waar we het beste kunnen eten, onder meer bij het vorig jaar geopende, op de surfmentaliteit georiënteerde Noosa. Zelf heeft hij als missie alle horecagelegenheden in Zandvoort van zijn lijstje af te strepen. Een man van het goede leven, zo blijkt wanneer we ’s avonds een fles prosecco als attentie voor ons strandhuis vinden.

Strandpaviljoens

Bij het gemeentehuis, ook al zo’n kenmerkend gebouw, staat eveneens een delegatie mannetjes de wereld te verbeteren, al is het tevens een populaire trouwlocatie. Via de winkelstraat met een heuse Walk of Fame met tegels van bekende inwoners als zanger Alain Clark en autocoureur én uitvinder van de flitspaal Maus Gatsonides, wandelen we langs een gebouw dat je smaak moet zijn. Circus Zandvoort is van de hand van architect Sjoerd Soeters, ook bekend van de Amsterdam ArenA. Een gebouw dat de meningen verdeelt, met vijf grote vlaggen als dak.

Het karakteristieke gemeentehuis.

Het karakteristieke gemeentehuis.

Via het skylinebepalende Palace Hotel Zandvoort gaan we richting boulevard. Een geliefde strook voor wielrenners die vanaf Bloemendaal richting Noordwijk doorrijden. Een plek waar het goed verse haring happen is; viskramen genoeg. Maar bovenal standplaats van ruim 35 strandpaviljoens, waarvan er vijf zogeheten ’jaarrond’ zijn; die blijven het hele jaar open, de rest tuigt aan het einde van het seizoen af.

Het brede strand strekt zich uit. Nu is het nog aangenaam rustig, bij hogere temperaturen zal dat anders zijn. „Het is een badplaats voor de massa geworden, of je er nu van houdt of niet”, stelt Lana Lemmens. De zee trekt nu eenmaal, niet voor niets moest zelfs tijdens coronatijd de bekende toegangsweg eens wegens extreme drukte worden afgesloten.

Gelukkig wordt Zandvoort door natuur omringd. Het Nationaal Park Zuid-Kennemerland en de Amsterdamse Waterleidingduinen liggen op een steenworp afstand en bieden een oase van rust, of je nu wilt wandelen of fietsen dan wel wielrennen, al zijn sommige stukken niet toegankelijk voor tweewielers.

Het is ook het domein van het nodige wild, onder meer shetlandpony’s en herten. Die laatste zijn zo mak dat ze regelmatig, zeker ’s winters, in hartje centrum worden gespot. Dan staan ze op een grasveldje bij de auto’s hun voedsel te zoeken. Geen zongarantie, wel hertengarantie, zo luidt een van de motto’s van (de omgeving van) Zandvoort.

Attractie van de natuur

De zonsondergang blijft de mooiste attractie van Zandvoort.

De zonsondergang blijft de mooiste attractie van Zandvoort.

Wat we van een dagje struinen door de badplaats kunnen zeggen, is dat Zandvoort meer is dan de Formule 1 en het strand. De gemiddelde bezoeker zal zich ongetwijfeld vanuit het stationsgebouw vooral linea recta rechtsaf naar het circuit of linksaf naar de kustlijn bewegen, maar met de geschiedenis en de hang naar gezelligheid in het achterhoofd is de plaats een nader bezoek waard. Wel afsluiten op het strand, want de zon in het parelmoerkleurige zeewater zien zakken is wat ons betreft de mooiste attractie.