Nieuws/Lifestyle
400933
Lifestyle

Bud Spencer (1929 -2016)

Koning van de komische knokfilm

AMSTERDAM - De maandag overleden acteur Bud Spencer en zijn vaste schermpartner Terence Hill waren de ongekroonde koningen van de komische knokfilm. Onder aangenomen namen vierden de twee Italianen jarenlang triomfen in de Europese bioscopen.

Als ‘De Vier Vuisten’ beleefden zij in de jaren 60 en 70 slapstickachtige avonturen, terwijl Bud Spencer er ook nog een succesvolle solocarrière op na hield. In 2003 maakte hij met landgenoot Ermanno Olmi Singing behind the Screens ( Cantando dietro i praventi), waarin hij een oude kaperkapitein speelde, onze gids in een mythisch verhaal over moord, wraak en uiteindelijk verzoening Het was zowat de zeventigste film van de zwaarlijvige acteur, die dit optreden niettemin als zijn acteerdebuut beschouwde. In een interview met De Telegraaf vertelde hij destijds waarom hij dat zo zag.

,,Voordat Ermanno Olmi me vroeg voor deze rol, werd ik altijd gecast als een karikatuur, een soort stripfiguur. Mijn fysieke verschijning woog het zwaarst. Drie, vier generaties zijn met die karikatuur opgegroeid en hebben hem omhelsd. Nu pas, in Singing behind the screens, wordt er van me verwacht dat ik acteer. Ik haal dit keer geen atletische toeren uit, gooi niemand omver en maai niet met mijn vuisten. Ik zit, en ik vertel.’’

Een heel verschil met zijn eerste optreden op het witte doek, een zwijgende figurantenrol als lijfwacht van Nero in de Hollywood-klassieker Quo vadis (1950). Carlo Petersoli heette hij toen nog gewoon en een filmloopbaan was zo ongeveer het laatste waarop hij zijn zinnen had gezet. Hij had andere ambities en mede daaraan dankte hij zijn imposante lijf: Carlo wilde een topzwemmer worden en begon al jong te trainen om dat doel te bereiken.

Zijn inspanningen hadden resultaat. Tien jaar lang was hij nationaal kampioen vrije slag en ook verdedigde hij de eer van Italië op de Olympische Spelen van Helsinki (1952) en Melbourne (1956). Op de individuele zwemnummers viel hij buiten de prijzen, maar als lid van het Italiaanse waterpoloteam sleepte hij op zijn eerste Spelen wel een gouden plak in de wacht. Onderwijl behaalde Carlo Petersoli ook een andere titel: in Rome studeerde hij af als meester in de rechten.

,,Mijn filmcarrière begon pas veel later, terwijl ik wel heel dicht bij het vuur zat,’’ vertelde Bud Spencer, die zijn verzonnen achternaam ontleende aan de door hem bewonderde acteur Spencer Tracy en zijn voornaam stal van Budweiser, zijn favoriete Amerikaanse biermerk. ,,Mijn schoonvader was een van de belangrijkste Italiaanse producenten en onder meer verantwoordelijk voor Fellini’s La dolce vita. Pas drie jaar na zijn dood ging ik films maken.’’

Lachend herinnerde hij zich hoe hij halverwege de jaren zestig werd benaderd voor zijn eerste echte rol. ,,Mijn vrouw kreeg een telefoontje van een kennis uit de filmwereld. Of ik nog steeds zo groot en dik was als vroeger. ‘Tegenwoordig is hij nóg dikker’, antwoordde ze. Wilden ze me direct hebben.’’

Zijn eerste ervaringen deed hij op in spaghetti-westerns als Dio perdona… Io no! (1968). In die film begon ook samenwerking met collega-acteur Mario Girotti, de latere Terence Hill. Hun in het Engels nagesynchroniseerde films hadden geen enkele pretentie en waren misschien juist daarom immens populair in de jaren zeventig.

Dat geen criticus producties als Vier Vuisten voor het geloof, Vier Vuisten op safari of Vier Vuisten in het kwadraat wilde omarmen, kon Bud Spencer niet boeien. Tijdens het interview verwees hij naar enthousiaste menigte die hem de avond daarvoor opwachtte bij de première van Singing behind the screens. ,,Ik heb mijn fans tot nu toen altijd geboden wat ze willen. Dat is wat telt, want zij hebben altijd het fundament van mijn succes gevormd.’’

Bud Spencer onderstreepte weliswaar zijn nog altijd grote populariteit (‘Alleen in Rome ziet niemand me staan, daar zijn ze aan filmsterren gewend’), maar bleef bescheiden over zijn eigen kwaliteiten. ,,Ik ken mijn beperkingen. Ze hebben me ooit gevraagd of ik Gulliver wilde spelen in een Oliver Twist-verfilming en zelfs de titelrol in Shakespeare’s Henry VIII is mij aangeboden. Ik móest wel weigeren. Ik heb nooit een toneelopleiding gehad en beschouw mezelf als een naïef acteur. Zulke rollen zijn voor mij gewoon te hoog gegrepen.’’

Na Singing behind the screens maakte de Italiaan in 2009 nog één speelfilm en speelde hij ook nog wat tv-rollen. Ook zou hij meewerken aan een nieuwe spaghettiwestern getiteld Keoma rises. Die wederopstanding heeft Bud Spencer niet meer mogen meemaken.