Lifestyle/Natuur
872238221
Natuur

Column

Groot geluk voor Freek Vonk: eindelijk oog in oog met potvis!

Bioloog prof. dr. Freek Vonk schrijft elke twee weken een column in VRIJ. Vandaag vertelt hij hoe hij voor het eerst in zijn leven een potvis in het echt spotte.

Wat zijn de Azoren toch prachtig. We gaan hier ongeveer twee weken doorbrengen. Het avontuur begint op Pico, het op een na grootste eiland van de archipel. De Azoren vormen het meest westelijke puntje van Europa. Zo afgelegen dat er maar weinig mensen wonen. Maar dieren zijn er genoeg, zeker in zee. Op hun lange reizen maken ze een pitstop in de voedselrijke wateren.

’s Ochtends vroeg stappen we op een kleine boot. Eerst zien we een grote school gevlekte dolfijnen die voor de boot dartelen en daarna zwemmen er twee walvishaaien langs. Als we net denken dat de koek op is, duikt in de verte het grootste cadeau van vandaag op: een potvis! Alleen al het stuk van de rug dat is te zien, is groter dan onze boot.

Wat een geluk, ik heb nog nooit een potvis in het echt gezien. De Azoren zijn een van de beste gebieden om ze te spotten. Dan nog moet je heel veel geluk hebben. Potvissen spenderen maar weinig tijd boven water. Nadat deze kolos kort boven is geweest om lucht te happen, is-ie alweer verdwenen.

Waar hij daarna bovenkomt? Dat blijft gissen; potvissen blijven met gemak anderhalf tot wel twee uur onder water en zwemmen dan 35 kilometer per uur. Hoe langer een potvis aan het oppervlak blijft rusten, des te langer de laatste duik was. Een paar keer diep in- en uitademen en hup, met een verse lading zuurstof weer de diepte in.

"Kolos maar even boven water"

Gelukkig hebben we een drone bij ons zodat we van bovenaf het water kunnen scannen. De walvis komt gelukkig al snel weer boven en blijft dicht onder de waterspiegel zwemmen. Prachtige beelden op het scherm.

Ik neem snel een duik en onder water beneemt de grootte van de walvis me bijna de adem. Onbeschrijfelijk. Na een paar minuten zwem ik weer richting onze boot. Het is absoluut niet mijn bedoeling om het dier te storen; bovendien houd ik ‘m onmogelijk bij! In de Azoren zijn potvissen goed beschermd en dat is maar goed ook. Die dieren moeten in alle rust kunnen rondzwemmen.

Vanaf de boot zie ik het dier sierlijk onder water verdwijnen. Vlak voordat potvissen onderduiken, persen ze 90 procent van hun luchtvoorraad uit hun lijf. Zo zinken ze ze sneller. Ze zetten hun spijsvertering even stop en verlagen hun hartslag drastisch. Ze slaan het grootste deel van de zuurstof in hun spieren op. Door de dieptes die ze bereiken, drukken hun longen namelijk helemaal samen, ze krijgen een soort klaplongen! De waterdruk is op een kilometer diepte al honderd keer zo groot als aan het oppervlak en potvissen gaan nog een stuk verder. Als er geen lucht meer in de longen zit, vouwt de ribbenkast zich samen.

Ongelofelijk hoeveel er met zo’n zeezoogdierlijf gebeurt. Van potvissen kun je pas echt zeggen dat ze goed onder druk presteren!