1013257
Binnenland

Aruba anders

Witte stranden, blauwe zee, palmbomen en een lekker windje... Zo kennen we veelal de Caribische eilanden en Aruba maakt daar geen uitzondering op. Toch valt meer te beleven op dit eiland. Onze verslaggeefster liet zich verrassen.

‘De bedoeling is dat je plat op je board gaat liggen en vooral niet de zijkanten van het tunneltje aanraakt omdat daar vlijmscherpe schelpen zitten.” Nadat we met een oververhit hoofd de warme wind hebben getrotseerd op het stand-up-paddle board, lijkt het water van de brede rivier nu dood te lopen.

We stuiten op een lage brug, waar je niet onderdoor kunt. Maar volgens Dennis Martinez van Aruba Surf en Paddle School is niets onmogelijk: in de brug zitten lage tunneltjes en daar kunnen we ons best door wurmen. Met trillende handen laat ik mij overhalen en eenmaal aan de andere kant heb ik geen spijt: ik krijg een heel andere kant van Aruba te zien! Waar Aruba vooral bekend staat om de witte stranden en het ruige, rotsachtige deel van het eiland, blijkt het ook een prachtige groene kant te hebben: de mangrove.

 

Oase

We zijn op Aruba om de ‘ hidden gems’ van het eiland te ontdekken. Weg van de witte stranden en casino’s van Palm Beach zien we dat het Caribische eiland nog veel meer voor ons in petto heeft. Zoals deze oase van rust, aan de zuidkant van het eiland. Terwijl je je paddle naast je in het water duwt, vliegen de tropische vogels je om de oren. Van de rustgevende groene kant, gaan we door naar de ruige rotsachtige kant van Aruba.

Daar vinden we de natuurlijke brug bij Wariruri en de Bushiribana goudruïne. Toegegeven, ze behoren tot de toeristische plekken van het eiland, maar de manier waarop we er zijn gekomen is wel bijzonder. Op een quad langs de ruige kust, waan je even in niemandsland. Dat klinkt heel relaxed, maar niets is minder waar. Door de rotsblokken die op de weg liggen, is het vooral op het laatste deel van de route hard werken op de vierwieler. Het is niet voor niets dat veel mensen deze route met een fourwheeldrive of te paard doen.

 

Natuurlijke bron

Gelukkig rijden we ook door naar de ‘natural pool’, het zwembad dat op natuurlijk wijze is ontstaan en waar we een heerlijke verfrissende duik kunnen nemen. Hard werken maakt hongerig en onze rommelende magen vullen we in het restaurant van chef-kok Urvin Croes: White Modern Cuisine. De rustige en ietwat verlegen Croes is geboren en getogen op Aruba, maar volgde een koksopleiding in Nederland. Hij keerde weer terug naar zijn eiland om zijn droom waar te maken, een restaurant waar ongeveer 80% van de menukaart afkomstig is van het eiland zelf.

Samen met vriend Frank Kelly struint hij het eiland af op zoek naar planten, kruiden en bloemen die hij kan verwerken in zijn gerechten. „Ik wilde het anders doen dan de andere restaurants op het eiland”, vertelt Croes terwijl hij aan een cocktail van zijn eigen kaart nipt. „Op Aruba zijn ongeveer 250 restaurants en het grootste deel daarvan kookt wat de toeristen willen. Ze zijn veelal heel Amerikaans.”

Carubbian Festival

En een van die gerechten is de ‘Aruban Summer Salad’, het paradepaardje van de menukaart. Een salade met maar liefst 30 verschillende ingrediënten, waaronder een paar heerlijk eetbare maar ook prachtige bloemen. Een gerecht dat alleen om het uiterlijk al de moeite waard is van het bestellen. „We hebben de aankleding van het restaurant expres simpel gehouden. We hebben bijvoorbeeld geen schilderijen aan de muur hangen, want onze opgemaakte borden moeten de schilderijen zijn.”

Wanneer de avond valt, rijden we naar de andere kant van het eiland. En hoewel het een klein eiland is, duurt dat toch al snel een half uur. Maar het is het waard, want in San Nicolas, de op een na grootste stad, vindt het Carubbian Festival plaats.

Elke donderdagavond, tussen zes en tien uur, kun je door de hoofdstraat van het stadje struinen langs kraampjes met heerlijke Arubaanse snacks zoals pastechi’s (pasteitjes) en cocada (gekleurd kokos) en een minicarnavalsoptocht. Het is een feest voor toeristen, maar ook voor de locals die er net als wij uitgebreid van genieten!

Reiswijzer Aruba

Vanaf Schiphol vlieg je met Arkefly en KLM met een directe vlucht in 10 uur naar Reina Beatrix Airport in Oranjestad. Met een overstap kan ook. Check het internet voor alle aanbieders. Vanaf het vliegveld gaan er bussen richting de grote hotels.

Qua grootte wordt Aruba vaak vergeleken met Texel, het is ongeveer 30 km lang en 9 km breed. Het ligt in het Caribische gebied, zo’n 20 kilometer voor de kust van Venezuela. Op Aruba is het altijd warm, rond de 30 graden. Er staat bijna altijd een aangename wind en het is er vrij vochtig.

Je hebt geen inentingen nodig, maar een flesje antimuggenspray is wel handig tegen de vele muggen die je vooral ’s avonds komen lastigvallen. In tegenstelling tot eilanden als Saba en Sint-Maarten, ligt Aruba ligt buiten de ‘hurricane zone’ en heeft geen last van orkanen. Meer info vind je op de website van Aruba Tourism Authority: www.aruba.com

Hotspots op Aruba lees je hier!

Tips van locals op Aruba