1023120
Nieuws

Innoveren: de economische toverformule

December is van oudsher de maand van economische voorspellingen. Vooral de verwachtingen van beursexperts voor het komende jaar zijn populair, ook al weet inmiddels iedereen dat het hier om een glazenbol gaat.

Beursontwikkelingen zijn niet te voorspellen. De praktijk leert ook dat prognoses over de economische ontwikkelingen van landen met veel onzekerheden zijn omgeven. Die onzekerheden zijn het afgelopen decennium toegenomen. Niet alleen door spectaculaire veranderingen in de wereldeconomie, maar vooral door baanbrekende technologische vernieuwingen. De komende decennia zullen deze innovaties de wereldeconomie flink door elkaar gaan schudden. Ook onze economie.

In de internationale voorspellingen van nog geen tien jaar geleden vinden we daar nog niets van terug. Daarin werd bijvoorbeeld verwacht dat China in de periode 2020-2025 zou uitgroeien tot de grootste en machtigste economie van de wereld en de VS van de eerste plaats zou stoten. De economische machtspositie van de westerse industrielanden zou worden overgenomen door China, samen met andere opkomende economieën als India, Rusland en Brazilië. De economieën van Europa en Japan werden min of meer afgeschreven en talloze experts voorspelden de ondergang van de euro en de eurozone.

Innovaties afkomstig van westerse bedrijven

Eind 2013 kunnen we vaststellen dat het wereldbeeld spectaculair anders is. De verwachtingen over de dominante economische rol van de opkomende economieën zijn niet uitgekomen en moeten neerwaarts worden bijgesteld. De tot voor kort hoge groeicijfers in deze landen blijken voor een belangrijk deel kunstmatig te zijn. Ze zijn in hoofdzaak gefinancierd met (geleend) geld van westerse beleggers en investeerders. En veel investeringen, bijvoorbeeld in de bouwsector, zijn niet rendabel Maar verreweg het belangrijkste probleem van deze landen is het gebrek aan innovaties. Onderzoek wijst uit dat nagenoeg alle technologische (industriële) vernieuwingen nog steeds afkomstig zijn van het westerse bedrijfsleven. Juist de voortdurende innovaties zijn van essentieel belang voor een solide en duurzame economische groei.

De wereldeconomie verandert vooral door de snelle opmars van de digitalisering waarbij het mobile internet een centrale plaats inneemt. Landsgrenzen zijn irrelevant geworden. Ondernemers die niet gevonden worden op het web bestaan economisch niet meer. Concurrenten en klanten van bedrijven zitten overal, in de gehele wereld. De levenscyclus van producten en diensten wordt steeds korter, waardoor bedrijven die willen overleven voortdurend moeten innoveren en klanten echt centraal moeten gaan stellen.

Wereldwijd neemt het aantal startende bedrijfjes toe dat in hoofdzaak bestaat uit een pc, laptop, tablet en website. De praktijk wijst dat deze starters in staat zijn om in snel tempo traditionele bedrijven omver te blazen. De komende jaren zal de omzet van steeds meer ondernemers ingrijpende beïnvloed worden door het wereldwijde web, vooral het mobiele internet, nu al aangeduid als de smartphone en tablet-economie (www.ebusinessbook.nl). Bestaande verdienmodellen moeten dan ook snel worden aangepast. Wie dat niet doet hoeft maar te kijk naar de omgevallen bedrijven in de muziekindustrie, de reiswereld en delen van de detailhandel.

De economische invloed van technologische vernieuwingen is ongekend. Volgens internationale onderzoeken staan (mobiele) internettoepassingen in de kopgroep van innovaties met een sterke economische impact. Het gaat daarbij om toepassingen op allerlei terreinen, zoals e-business, e-health, e-education, e-security, e-energy en e-towns. Deze toepassingen zullen samen met slimme robottechnologie, het zogenoemde Internet of Things, 3D-printen, analysetechnologie voor big data, nano-technologie en cloudcomputing de verdienmodellen van bedrijven en de economieën van landen op de kop zetten (www.3dprintwereld.com). En dat gaat razend snel. Ondernemers en landen die niet snel genoeg op deze ontwikkelingen inspelen, missen de boot.

Onderwijs en opleidingen zijn daarbij van cruciaal belang. Zo is het Nederlandse onderwijs onvoldoende voorbereid op de nieuwe economie: we leiden nog steeds op voor banen die straks niet meer bestaan.

We hebben een maakindustrie nodig

Economische en technologische ontwikkelingen maken ook duidelijk dat landen die nu in hoofdzaak op een diensteneconomie draaien snel zorg moeten dragen voor een versterking of herleving van de maakindustrie. Een diensteneconomie kan niet bestaan zonder een sterke innovatieve maakindustrie. Met de inzet van robottechnologie, het Internet of Things en 3D-printen kan daaraan een belangrijke bijdrage worden geleverd. Zo heeft de VS dit jaar 1 miljard dollar uitgetrokken om met 3D-printtechnologie de maakindustrie een impuls te geven.

Mede als gevolg van de hierboven vermelde technologische ontwikkelingen zien we zowel in de VS als Europa een afname van outsourcing van bedrijfsactiviteiten naar opkomende economieën en een toename van reshoring. Een toenemend aantal Amerikaanse en Europese bedrijven haalt producties die in het verleden, vooral vanwege de toen lage lonen, naar deze landen zijn verplaatst nu weer terug.

Dat heeft niet alleen te maken met de daar sterk gestegen loonkosten, logistieke problemen, een slechter bedrijfsklimaat, valuta-ontwikkelingen en schendingen van patenten, maar vooral ook met de eerder genoemde technologische ontwikkelingen. Bedrijven die terugkeren hebben een voorkeur voor een vestigingsplaats in de VS of Europa waar ze onderzoek, ontwikkeling en productie kunnen combineren, beschikken over getalenteerde werknemers en kunnen samenwerken met universiteiten, hoge scholen en onderzoeksinstituten.

VS en Europa blijven concurrerend

Door de hierboven geschetste trends is het zeer waarschijnlijk dat de VS ook de komende decennia nog de grootste en machtigste economie van de wereld zal zijn en is ook het economisch toekomstbeeld voor Europa sterk opgeklaard. Sterker nog, door gezamenlijk volop in te zetten op de technologische vernieuwingen kan de EU-28 de VS naar de kroon steken.

Dat vereist niet alleen een veel groter budget voor fundamenteel en toegepast onderzoek, maar ook keiharde concurrentie want zonder concurrentie is de prikkel om alsmaar te blijven innoveren niet erg sterk. En het is zoals de Rode Koningin in Alice in Wonderland: je moet hard rennen om bij te blijven, als je niet rent, loop je achter. En dat is nodig want een land als China geeft steeds meer uit aan onderzoek en onderwijs en op de langere termijn zal dat zeker tot innovaties leiden.

De boodschap voor Nederland is dan ook meer dan duidelijk. Voorop gaan lopen bij technologische vernieuwingen; innoveren dat is de economische toverformule en blijven rennen.