Nieuws/Binnenland
10312
Binnenland

99 procent zeker de vermiste Marc de Bonte

Lijk Oirschot vrijwel zeker van Belgische kickbokser

OIRSCHOT - UPDATE 20.45 uur - Het lichaam dat donderdagmiddag in het Wilhelminakanaal in Oirschot is gevonden, is vrijwel zeker van de vermiste Belgische kickbokser Marc de Bonte. Het lijk in het kanaal bij De Rijt lag vlakbij de plek waar eerder de auto van De Bonte werd aangetroffen.

Een schipper zag het lichaam in het kanaal.Volgens de politie wordt er ’ernstig rekening mee gehouden’ dat het lichaam van De Bonte is. Dat zou in eerste instantie blijken uit de kleding die het lichaam droeg. Waar De Bonte aan overleden is, een misdrijf, zelfdoding of een ongeluk moet uit sectie blijken. Dat gebeurt zaterdag.

De Bladelse sportschool Training Unit, waar Bonte trainde, schreef donderdagavond op de Facebookpagina: „Zojuist hebben we te horen gekregen dat het gevonden lichaam voor 99 procent zeker Marc betreft. De lessen gaan daarom deze avond niet door. Wel is er gelegenheid om hier samen te komen.”

Kwam nooit aan bij vriendin

De 26-jarige Marc de Bonte verdween in de nacht van vrijdag 4 op zaterdag 5 november. Hij was op een feestje van zijn sportschool in Bladel geweest en vertrok daarna naar een vriend in Turnhout. Van daar uit stuurde hij een bericht aan zijn vriendin in Best dat hij op weg was naar haar. Maar daar kwam hij nooit aan.

Zijn auto werd korte tijd later gevonden bij het Wilhelminakanaal in Best. Ondanks uitgebreide zoekacties door politie, familie en vrienden van Marc de Bonte werd hij niet gevonden. Ook werd een beloning van dertigduizend euro uitgeloofd voor de tip die naar hem zou leidden.

’Deed geen vlieg kwaad’

Familieleden van de kickbokser zeggen geen idee wat hem overkomen zou kunnen zijn. Hij voldeed volgens hen totaal niet aan het clichébeeld van het prototype kickbokser dat zich in een schimmige wereld beweegt. „Het is een sociale opgewekte jongen die met iedereen het beste voorheeft”, verklaarde zijn vader eerder. „Hij deed geen vlieg kwaad en ik zou ook niet weten waarom iemand hem iets zou willen aandoen.”