Nieuws/Binnenland
1045114784
Binnenland

Man ontkent doodsteken jogger in Groningen

’Ik heb niks gedaan, ik ben onschuldig!’

GRONINGEN - Verdachte Milton T. (26) uit Groningen ontkent stellig dat hij jogger Hidde Bergman (27) uit Groningen heeft doodgestoken. Dat bleek donderdag tijdens de eerste pro forma-zaak voor de rechtbank in de Martinistad. T. snapt niet waarom hij verdachte is in de zaak die de regio schokte: „Ik heb niks gedaan, ik ben onschuldig!”

Justitie gaat er vooralsnog echter vanuit dat Hidde Bergman door deze verdachte in de rug werd gestoken, met fatale afloop. T. werd afgelopen juni aangehouden op verdenking van betrokkenheid bij het misdrijf. Het bleek een jongeman die eerder op Aruba woonde en sinds enige jaren in Nederland verbleef voor studie. De gewelddadige dood tijdens het hardlopen van de jonge, geliefde Groninger bij de Zernike Campus zorgde afgelopen mei voor grote onrust in studentenstad Groningen.

Wat justitie betreft blijft hij achter de tralies. Het onderzoek loopt ook nog, aldus de officier van justitie: „Er moeten onder meer nog getuigen moeten gehoord. Ook een telefoon moet nog worden onderzocht. T. gaf de inlogcode niet.” Inmiddels is T. die code ’vergeten’. „Het was een gecompliceerd wachtwoord. Ik weet het niet meer. En het gaat om privacy, er staan gênante dingen op”, zei T. donderdag in de rechtszaal. Wat dat is wilde hij niet kwijt.

De rechtbank riep T. nadrukkelijk en langdurig op toch die code maar te geven. Het kan immers zelfs in zijn voordeel zijn… „Nee, want de politie gebruikt het meer om me ’suspect’ te maken”, aldus T. in een mengeling van Nederlands en Engels.

Moordwapen nog niet gevonden

Nabij de plek des onheils werd een hoes aangetroffen met dna van verdachte. Die hoes past bij een mes dat bij de Action te koop is. Op beelden uit een Groningse Action lijkt de verdachte te zien, juist als hij een mes aanschaft. Het gezochte steekwapen is nog niet gevonden. Naar een viertal Duitstalige getuigen wordt nog verder gespeurd.

De verdachte werd volgens getuigen meermalen herkend in de stad, waaronder bij een supermarkt in de buurt en later ook in het centrum van Groningen bij een coffeeshop. Na een vernieling werd hij aangehouden. Er werd vervolgens in zijn kamer gezocht, waar een mes is aangetroffen. Het bleek niet om het gezochte moordwapen. In een collegeblok schreef hij mogelijk ’Ik heb iemand vermoord’, of ’Ik ga iemand vermoorden, omdat ik niet krijg wat ik wil’ in het Papiaments.

Justitie gaat er vanuit dat T. kampt met psychische problemen. Hij gaat van oktober en november naar het Pieter Baan Centrum voor nader onderzoek. „Ik ben niet gek”, zegt T. zelf.

Geen dna van verdachte op slachtoffer

T.’s raadsvrouw mr. Annemiek Mulder vindt dat agenten die de door T. gehuurde kamer betraden dat deels onrechtmatig deden, omdat ze rondkeken maar op dat moment slechts kleding hadden mogen ophalen. Justitie ziet dat anders en vindt het wel rechtmatig. Ook maakt Mulder bezwaar tegen het afnemen van dna. „Het signalement was op dat moment te vaag.” Dit gepubliceerde signalement zou niet kloppen, omdat een op dat moment nog gedragen snor niet door getuigen gezien werd.

De raadsvrouw vindt dat het kladblok uitgesloten moet worden als bewijs. Verwondingen van het slachtoffer zouden bovendien ook door een ander soort mes toegebracht kunnen zijn. „Op de kleding van het slachtoffer is geen dna van cliënt aangetroffen.”

De rechtszaak wordt in december voortgezet met een regiezitting. In maart 2020 volgt dan naar verwachting de inhoudelijke behandeling.

Mobiel verdachte was in buurt plaats delict

was in buurt T. blijft voorlopig vastzitten, besloot de rechtbank Groningen begin van de donderdagmiddag. Dat de gevonden dna-sporen matchen, is een van de belangrijkste argumenten. Ook blijkt uit gegevens van de mobiele telefoon dat het toestel in de buurt was. Tevens is er bij verdachte een aankoopbonnetje gevonden van een mes, zoals dat bij het misdrijf gebruikt lijkt te zijn. Zo’n mes van 12 centimeter past in het vlakbij de plaats delict aangetroffen losse foedraal. De rechtbankvoorzitter refereerde ook aan de gemoedstoestand van de verdachte T.. ,,Die hoort stemmen in het hoofd.’’