Nieuws/Binnenland

Arbitragezaak om Greenpeace-schip

Nederland is een zogenoemde arbitragezaak begonnen om het Greenpeace-schip Arctic Sunrise en haar bemanning vrij te krijgen. Als er binnen twee weken onvoldoende vooruitgang is geboekt, volgt een stap naar het Internationaal Zeerechttribunaal om schip en bemanning vrij te krijgen.

Dat maakte het ministerie van Buitenlandse Zaken vrijdag bekend. In de procedure zoeken beide landen een arbiter (bijvoorbeeld een jurist of rechter). Die twee arbiters kiezen vervolgens een derde arbiter, waarna ze zich buigen over de zaak. De uitspraak is bindend.

De Russische ambassadeur is van de stap op de hoogte gesteld. Minister Frans Timmermans van Buitenlandse Zaken verwacht dat het wel „enige dagen” kan duren voor de Russen antwoorden.

De Arctic Sunrise werd op 19 september door de Russen ten zuiden van Nova Zembla geënterd. Enkele dagen eerder was er actie gevoerd bij een boorplatform. De 30 bemanningsleden, onder wie twee Nederlanders, zijn in Moermansk aangeklaagd wegens piraterij. Daar staat volgens de Russische wet maximaal 15 jaar op.

Met de beide gedetineerde Nederlanders gaat het volgens de bewindsman „naar omstandigheden goed”, maar ze zijn „bezorgd” wat er met ze gaat gebeuren. In Moermansk zijn twee medewerkers van het Nederlandse consulaat-generaal in St.Petersburg om het tweetal bij te staan.

Volgens Greenpeace werd het schip in internationale wateren overmeesterd. De Russen stellen dat het gebeurde in een exclusieve economische zone waar zij verantwoordelijk zijn voor de veiligheid. De beste manier om hier naar oordeel van het ministerie tegen in te gaan is een arbitrageprocedure.

Intussen blijft Timmermans wel proberen het tweetal via diplomatieke weg zo snel mogelijk vrij te krijgen. Mocht het toch tot een proces komen wil hij proberen te zorgen dat ze die in vrijheid kunnen afwachten.

Het kabinet stelt dat het vooraf op de hoogte had moeten worden gesteld van de entering omdat het schip onder Nederlandse vlag vaart en „bestrijdt de rechtmatigheid van het opbrengen van het schip en de bemanning”, schrijft Timmermans vrijdag in een brief aan de Tweede Kamer.