Nieuws/Binnenland
1061174
Binnenland

Fries Museum stelt zich weer voor aan publiek

Twaalf jaar na de dood van architect Abe Bonnema wordt zijn wens vervuld: koningin Máxima opent vrijdag het nieuwe Fries Museum in Leeuwarden. Bonnema, bekend van wolkenkrabbers zoals het hoofdkantoor van Nationale Nederlanden in Rotterdam, liet na zijn overlijden (2001) 18 miljoen euro na aan de gemeente Leeuwarden voor een nieuw Fries Museum.

Het nieuwe museum heeft vier exposities voor de bezoekers klaar staan. „We stellen ons opnieuw voor aan het publiek”, zei museumdirecteur Saskia Bak dinsdag. In de exposities wordt het verhaal van Friesland verteld. Topstukken zijn objecten van Friese historische figuren, zoals de bustehouder van Mata Hari en het zwaard van de Friese vrijheidsstrijder 'Grutte Pier'.

Het nieuwe gebouw is ontworpen door architect Hubert-Jan Henket. Dit was één van de voorwaarden die Bonnema stelde in zijn legaat. „Abe vond dat ik op dezelfde functionalistische manier dacht als hij”, zegt de architect. Henket was wel verrast toen hij genoemd werd in het legaat van Bonnema. De Friese architect had het nooit met hem besproken.

Het nieuwe museum heeft een aantal kenmerken die er volgens Henket uitspringen. Zo kunnen mensen door het gebouw lopen om naar het winkelcentrum te gaan. „Het museum staat midden in de gemeenschap en is toegankelijk voor iedereen”, zegt Henket. Ook over de uitstraling van het gebouw is nagedacht. „De grijze kleuren moeten Friese vanzelfsprekendheid voorstellen.”

Volgens directeur Bak werd het legaat destijds gezien als een „geschenk uit de hemel”. Het nieuwe museum kostte in totaal 36 miljoen euro. De helft van het museum werd dus gefinancierd door Bonnema. Volgens Bak was het Fries Museum toe aan vernieuwing. „In het oude gebouw was er altijd een strijd met de zalen, ze waren niet groot genoeg”, zegt Bak.

Bak ziet een rooskleurige toekomst voor het museum. „Leeuwarden is nu tot Culturele Hoofdstad 2018 gekozen en ik ga er vanuit dat cultuur in ieder geval de komende 5 jaar hoge prioriteit heeft in deze stad.”