Nieuws/Binnenland
1061487
Binnenland

'De makkelijke bezuinigingen zijn al gedaan'

De samenleving merkt het de komende jaren vanzelf, voorspelt Maarten Allers van de Rijksuniversiteit Groningen. Gaten in de wegen in de gemeenten zullen vaker voorkomen. En minder snel worden gerepareerd.

De plantsoenen worden minder regelmatig onderhouden. Buurtcentra zullen hun deuren sluiten. Onderhoud aan sportcomplexen wordt op de lange baan geschoven. Gemeenten ontkomen er niet aan drastisch te schrappen in hun uitgaven om de begroting sluitend te maken.

„De makkelijke bezuinigingen zijn al gedaan”, constateert Allers, die namens het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (COELO) onderzoek deed naar de gevolgen van decentralisatie en bezuinigingen. „En op de meeste uitgaven kunnen de gemeenten niet eens bezuinigen.”

Volgens Allers gaan de burgers de ingrepen in de gemeentelijke begrotingen weldra voelen. „Op sociaal terrein wil een meerderheid namelijk niet bezuinigen, dat treft de kwetsbare mensen. Besparen op openbaar groen, wegen, sport, cultuur en straatverlichting wordt nog wel geaccepteerd.”

De gemeenten komen in de knel door de overhevelingen van rijkstaken. Er gaapt een gat van 6 miljard euro tussen wat de gemeenten op zich moeten nemen en wat zij minder aan rijksinkomsten krijgen.

De schoen wringt het meest in de sociale sector. Met ingang van 2015 draagt de rijksoverheid taken op sociaal gebied over aan de gemeenten. Daarbij gaat het om jeugdzorg, de uitvoering van de AWBZ en de Participatiewet, waarin bijstand, sociale werkvoorziening en Wajong worden gecombineerd.

„De overheid wil een takenpakket overdragen aan de gemeenten waaraan op het ogenblik 12,8 miljard euro wordt besteed, maar heeft voor die overheveling slechts 10 miljard euro over”, zegt Allers. „Het is wensdenken van het kabinet. Het bedrag is puur boekhoudkundig samengesteld.”

Hij verwacht economische gevolgen door het wegvallen van gemeentebestedingen. Uitstel van aanleg en onderhoud van wegen of plantsoenen heeft niet alleen rechtstreeks economische effecten. „Wanneer onderhoud aan bijvoorbeeld wegen wordt uitgesteld, dan blijkt herstel vaak duurder te zijn dan regelmatig bijhouden.”

Het onderzoeksinstituut heeft berekend dat 45 procent van alle overheidsinvesteringen door de lokale overheden worden gedaan. Gezamenlijk besteden zij 20 miljard euro aan materiële bestedingen en dragen 10 procent bij aan het Bruto Nationaal Product.

„Gemeenten vormen dus een belangrijke factor”, concludeert Allers. Wanneer de gemeenten de helft van de noodzakelijke bezuinigingen (3 miljard) behalen door minder investeringen te doen, dan dalen de overheidsinvesteringen met 15 procent en de gemeentelijke investeringen met 33 procent.