1067390
Binnenland

OM wil werkstraf voor ex-adjunct Kidsweek

De voormalig adjunct-hoofdredacteur van kinderkrant Kidsweek Maarten H. moet als het aan het Openbaar Ministerie (OM) ligt, 150 uur werkstraf uitvoeren voor het downloaden en verspreiden van kinderporno. Ook eiste de officier maandag bij de rechtbank in Utrecht een half jaar voorwaardelijke gevangenisstraf tegen hem. De voorkeur van H. ging uit naar jongetjes van ongeveer 12 jaar oud, zei de aanklager tijdens de rechtszaak tegen de 35-jarige H. en diens echtgenoot Matthijs W. Tegen W. eiste het OM dezelfde straf.

Volgens de aanklager hebben de mannen 3 jaar geleden samen de kinderporno binnengehaald en verspreid. De officier wilde eigenlijk gevangenisstraf eisen, maar omdat er inmiddels zoveel tijd is verstreken, eiste zij de werkstraf en 6 maanden voorwaardelijke celstraf. De twee verdachten ontkennen.

Toen in april bij de wekelijkse kinderkrant Kidsweek bekend werd dat er een rechtszaak om kinderporno liep tegen adjunct-hoofdredacteur Maarten H., is deze op non-actief gesteld en later ontslagen. Kidsweek bestaat sinds 2003.

De zaak kwam aan het rollen toen in Engeland een website voor pedofielen werd opgerold. Via het mailadres van echtgenoot W. waren duizenden berichten op die site gepost. Bij een inval bij de verdachten thuis vond de politie op verschillende gegevensdragers ongeveer 100 foto's en filmpjes met kinderporno. Volgens de aanklager hebben de verdachten daarnaast grote hoeveelheden porno gewist met speciale programma's. Daarvan zijn nog sporen aangetroffen op hun computers.

De officier citeerde langdurig uit briefwisseling tussen de twee, waarin ze hun voorkeur voor kinderen uitspreken. H. geeft alleen toe dat hij per ongeluk heeft gedownload en dat vervolgens heeft gewist. Volgens zijn advocaat kan het OM niet bewijzen dat de mannen over kinderporno hebben beschikt. Ze zouden moeten worden vrijgesproken. De advocaat gaf toe dat de verdachten een pedofiele voorkeur hebben maar ze plegen volgens hun advocaat zeker geen strafbare feiten.

De uitspraak is op 9 september.