Nieuws/Binnenland
1070544
Binnenland

Verdachten kunstroof vrezen Roemeense cel

De hoofdverdachten van de Rotterdamse kunstroof willen het liefst in Nederland berecht worden, zo gaven zij eerder aan. Niet alleen denken ze dat ze een lagere straf krijgen, maar ook zien ze op tegen de vaak slechte omstandigheden in de Roemeense cellen. En niet voor niets. Cellen zijn vaak vies, koud en te vol. Het Europese Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) in Straatsburg veroordeelde de Roemeense staat de afgelopen jaren er meerdere keren om.

De laatste twee zaken speelden in juli, zo liet de organisatie voor advocatuur in Roemenië dinsdag weten. De gedetineerden verzetten zich tegen overvolle cellen, slechte hygiënische omstandigheden, het niet gebruik kunnen maken van douche of toilet, het ontbreken van voorzieningen voor gehandicapten en geen verwarming in de winter.

In vrijwel alle gevallen kwam het Europees hof tot een veroordeling van de Roemeense staat. Die moest voor de laatste vijf zaken in totaal 375.000 euro aan schadevergoeding betalen aan ex-gedetineerden. Roemenië kent geen belangenorganisatie van gedetineerden; betrokkenen maken dus steeds apart de gang naar de rechter.

Vier van de zes verdachten van de Rotterdamse kunstroof zitten in voorarrest in de gevangenis in Roemenië. Een van hen is niet vastgezet en een ander is voortvluchtig. Een van de hoofdverdachten, Radu Dogaru, stelt als voorwaarde voor teruggave van vijf van de zeven gestolen doeken dat hij aan Nederland uitgeleverd wordt.

In Roemenië zitten zes Nederlanders vast in de gevangenis, van wie er drie een dubbele nationaliteit hebben. Dat blijkt uit gegevens van het ministerie van Buitenlandse Zaken in Den Haag. De helft van hen is gestraft voor drugsdelicten.