Nieuws/Binnenland
10820
Binnenland

Bodemprijzen voor antiek, maar kwaliteit verkoopt altijd

Op zoek naar koopjes in veilingland

— Tientallen miljoenen zijn er recent op veilingen neergeteld voor topstukken als het schilderij Meule van Claude Monet (€76 miljoen) en Untitled XXV van Willem de Kooning (€61 miljoen). Recordbedragen waarbij een gewoon mens zich amper iets kan voorstellen. Maar aan de onderkant van de kunstmarkt is er nog veel spannends te beleven.

Veilingmeester Chris Vellinga neemt een klok onder de loep. Misschien een buitenkansje?

Veilingmeester Chris Vellinga neemt een klok onder de loep. Misschien een buitenkansje?

Veilingmeester Chris Vellinga neemt een klok onder de loep. Misschien een buitenkansje?

Veilingmeester Chris Vellinga neemt een klok onder de loep. Misschien een buitenkansje?

Nu de spaarrente laag is en de aandelenmarkt onzeker, lijkt investeren in kunst, antiek, sieraden en keramiek aantrekkelijk. En inderdaad zijn er ook voor de gewone mens met een scherp oog zeker koopjes te halen en met een beetje geluk op termijn klappers te maken. „Maar”, waarschuwen alle experts die wij spraken, „koop vooral met verstand. Neem geen overhaaste beslissingen. Informeer je, duik in de kunstgeschiedenis of laat je goed informeren door mensen met kennis van zaken.”

Want er is flink wat veranderd in de veilingwereld, zo bevestigt Jacco Scheper, veilingmeester bij MPO Veilingen in IJsselstein. ,,De markt scheurt al jaren verder uiteen. De onderkant zakt in prijs, de middenmarkt is al gezakt en de trend is dat de absolute top verder omhoog gaat. Zaken die zonder meer zeldzaam zijn doen het altijd goed, maar ook de gewonere dingen die van een fabelachtig mooie kwaliteit zijn, blijven waardevast of stijgen.”

Trots

MPO is gespecialiseerd in munten en postzegels. ,,Deze week nog”, memoreert Scheper trots, ,,hebben we een record verbroken met de veiling van een zilveren gulden uit 1867: bij meer dan een ton werd er afgehamerd. Maar mensen die hopen dat hun postzegelverzameling flink wat waard is, komen van een koude kermis thuis. Een collectie die in de jaren ’80 nog 2000 gulden waard was, doet nu nog niet eens €100. Dat is bitter nieuws.”

Al schrijft Scheper de postzegelmarkt niet helemaal af. ,,Als iemand een specialistische verzameling heeft, met alleen één bepaald soort stempels bijvoorbeeld, dan kan die nu het dubbele opbrengen van wat er dertig jaar geleden voor stond.”

Het aantal verzamelaars is teruggelopen, weet Scheper, daar schort het aan. ,,Die ontwikkeling is al jaren aan de gang. Neem postzegelverzamelaars: daar had je er in de jaren ’80 zeker vijftig keer zoveel van als nu. Kinderen, jongeren, ze doen het niet meer. Ze zitten op internet, voor de tv, op iPads. Een jochie dat op school zou zeggen dat hij postzegels verzamelt, wordt ronduit uitgelachen. En dat geldt eigenlijk voor alle verzamelgebieden.”

Een ander treurig voorbeeld van gekelderde prijzen zijn antieke meubels en objecten. ,,Hét voorbeeld is altijd weer de Friese staartklok. Vroeger een paradepaardje in huis, nu brengt die niets meer op”, zegt Scheper. Chris Vellinga van het Venduehuis der Notarissen in Den Haag beaamt dat. „Ik heb al heel wat erfgenamen moeten teleurstellen, die dachten dat grootvaders klok heel wat waard zou zijn. Nu krijg je er vaak niet meer dan €200 voor. Alleen heel bijzondere exemplaren, worden nog weleens afgehamerd voor €1000 of meer.”

Nu instappen dan maar en voor een habbekrats zo’n klok op de kop tikken? Niet verstandig, vindt Jop Ubbens, voormalig directeur van veilinghuis Christie’s in Amsterdam, die nu zijn eigen adviespraktijk Ubbens Art bestiert. „De Friese staartklok komt nooit meer terug op het oude niveau. Daar zijn er domweg teveel van.” Vellinga knikt. „Het is hetzelfde met negentiende-eeuws tin. Daar was twintig jaar geleden nog veel vraag naar. Nu brengt het niks meer op.”

Goedkoop

Die trend zal niet snel keren, verwachten de heren. Dat is mogelijk anders bij antieke meubels. Die zijn nu ook heel goedkoop. „Alles wat modern oogt, verkoopt goed, maar de rest, zeker alles wat donkerbruin is, kun je verwaarlozen”, ziet Vellinga. „Voor een heel goede houten kast uit de 18de of 19de eeuw betaal je nog geen €200, een kwart van wat zo’n pruts-Ikea moet kosten. En die valt na een paar jaar al uit elkaar. In theorie geloof ik in het aantrekken van deze markt op termijn”, zegt Scheper, ,,Ooit gaan de mensen wakker worden, er komt een terugverende beweging.”

„Ik heb natuurlijk geen glazen bol. Maar die markt gaat ooit weer aantrekken, daar ben ik zeker van”, benadrukt ook Ubbens. „De vraag is alleen wanneer precies. Dat kan nog jaren duren. Alhoewel, je ziet nu wel dat steeds meer mensen hun huizen hybride gaan inrichten. Oud en nieuw door elkaar. Dat kan de belangstelling voor antieke meubels zeker doen toenemen. Maar mensen willen dan wel de echt bijzondere exemplaren, de snoepjes uit de markt.”

Ubbens herinnert zich een veiling bij Christie’s, nu ruim een jaar geleden. „Daar brachten we drie 18e-eeuwse Hollandse kabinetten onder de hamer. Twee ervan brachten amper €2000 op. Terwijl de derde tien keer zoveel deed. Waarom? Het was een uniek exemplaar van uitstekende kwaliteit met vele extra’s zoals allerhande geheime laatjes.”

Het draait allemaal om drie dingen, stelt Chris Vellinga. „Allereerst moet de kwaliteit goed zijn en het object dat je wil kopen of het nu een meubelstuk, een schilderij, gouden ring of porseleinen vaas is, moet in uitstekende conditie zijn. Dus geen scheuren of barsten of hoekjes eraf. Verder is de herkomst - waar komt het stuk vandaan, in welke collecties heeft het in het verleden gezeten? - van belang. Dit beïnvloedt sterk de prijs. Ten slotte de uniciteit: het object moet echt bijzonder zijn, er moet een verhaal aan zitten.”

„Storytelling is heel belangrijk. Mensen willen een verhaal bij een kunstwerk”, constateert ook Ubbens. „Dat bewijzen ook de recordbedragen die recent weer voor die Monet en De Kooning zijn betaald. Dat zijn niet alleen topstukken die schaars zijn, maar ook schilderijen met een grote kunsthistorische waarde. Ze onderstrepen mede het verhaal hoezeer de impressionist Monet en later De Kooning met zijn abstract-expressionisme vernieuwers waren. Zij schreven letterlijk kunstgeschiedenis. Als beginnend verzamelaar is het zaak je daar echt in te verdiepen.”

Verstandig

Scheper heeft nog wel wat tips voor degenen die op een koopje hopen. ,,Sieraden met jade doen het nu al goed, en de vraag blijft toenemen, vooral vanuit China, dus nu instappen is verstandig. En zilveren miniaturen zijn onverminderd populair, daar zijn ook echt nog veel verzamelaars van. Door de hoge zilverprijs, en aan de stijging daarvan zie ik nog geen eind komen, is dat een stabiele belegging.”

Het grote voordeel van de onderkant van de markt, besluit Scheper, is dat alles zó goedkoop is, dat het al gauw voor iedereen interessant is. „Misschien niet per se als belegging, maar wel gewoon om te kopen omdat je het mooi vindt.” Dat is sowieso het beste advies, vinden ook Vellinga en Ubbens. „Als je investeert in wat jezelf mooi vindt, geniet je altijd van het hedonistisch rendement.”