Nieuws/Columns

Verloren jaren

Heb ik dat weer? Na elf jaar terug naar Israël en het Midden-Oosten staat het land weer in brand. Deze keer letterlijk en niet zoals toen geteisterd door de Tweede Irakoorlog en de Tweede Intifada.

Om eens met het goede nieuws te beginnen; de plaatselijke brandweer krijgt ongekende steun uit de hele wereld en zelfs Egypte, Jordanië en de Palestijnse Autoriteiten doen mee. De Palestijnen al voor de tweede keer. Ook bij de branden in 2010 rukten spuitgasten uit de Westoever op. Egypte stuurde een blushelikopter en Jordanië brandweerauto’s.

Dat allemaal onder het mom van ‘goede buren.’ Jammer was natuurlijk weer wel dat er in de Arabische wereld ook werd gelachen om de pech van Israël. De (sociale) media stonden weer vol met smakeloze beledigingen.

In die elf jaar afwezigheid is Tel Aviv een nog leukere stad geworden met prima restaurants en winkels en inmiddels peperdure woningen. De omstreden muur die Palestijnse bomgordelterreur moet tegenhouden werkt. Je merkt het altijd meteen aan de sfeer in de stad als er weer eens aanslagen zijn geweest, dan zijn de terrassen leeg. Maar ze stromen na verloop van tijd altijd weer vol. Het optimisme wint altijd.

In de Jordaanse hoofdstad Aman, waar ik een paar dag eerder was, viel vooral op dat de torenhoge hotels die handig zijn bij het bepalen van je route in de heuvelachtige stad nog scherper worden bewaakt. Moslimterreur treft ook moslims. En zeker Jordanië dat volop meevecht in de strijd tegen IS, weet u nog van die door IS levend verbrande Jordaanse piloot?, neemt geen enkel risico.

De Israëlische premier Netanyahu zei tijdens zijn bezoek aan Nederland dat hij daardoor kansen ziet tot samenwerking met de gematigde moslims. Er is volgens ‘Bibi’ nu een gemeenschappelijke vijand in de vorm van de radicale islam.

Ik zal de laatste zijn om de superslimme Netanyahu naïef te noemen maar een paar dagen Jordanië maakt toch weer duidelijk dat de vrede die in 1994 werd gesloten nog steeds een ‘koude’ is.

Zelfs een gunstige gasdeal die met de Joodse staat werd gesloten levert er gemor op. En bij de noordelijke grensovergang met Israël werd ook weer eens duidelijk hoe weinig die vrede oplevert. Je moet er een uur rondhangen voordat het busje vol genoeg was om vanaf de Jordaanse kant de paar honderd meter naar de Israëlische grens te rijden. En de economische opkikker komt ook niet van die ene Israëlische zakenman die op de parkeerplaats in niemandsland zijn Israëlische nummerplaten verving door Jordanese om zo veilig door het land te kunnen rijden.

Het zijn gemiste kansen. Je weet nu al dat na de samenwerking bij de brand het Arabische en het Joodse kamp weer tegenover elkaar komen te staan in wat bijna een rituele dans is.

Elf verloren jaren.