Nieuws/Binnenland
1085845
Binnenland

Marechaussee onnodig druk met 'weeskoffers'

De Marechaussee op Schiphol moet in de zomermaanden 10 tot 15 keer per dag uitrukken om verlaten tassen en koffers te onderzoeken op mogelijke explosieven. In veruit de meeste gevallen gaat het om reisbagage waar mensen te nonchalant mee omgaan.

Dat stelt woordvoerder Robert van Kapel van de Koninklijke Marechaussee. „Dan zie je opeens iemand uit een koffiecorner komen omdat het zijn of haar koffer is. Maar het gebeurt ook regelmatig dat we een koffer of tas meenemen om die bij de afdeling gevonden voorwerpen af te geven. Dan komen mensen er na een uur of wat achter dat ze hun koffer of tas kwijt zijn”, legt Van Kapel uit.

Als er een 'uitruk' is naar een onbeheerde koffer wordt de plek afgezet en gaat de marechaussee er met zogenoemde explosievenspeurhonden op af. Van Kapel wil maar zeggen dat het de nodige inspanning vergt om dergelijke zaken op te lossen, terwijl er zeker in de zomermaanden, veel ander werk voor zijn dienst is te doen. Als voorbeelden noemt hij de bestrijding van zakkenrollerij en de controle op illegaal taxivervoer.

De dienst heeft 1800 mensen op Schiphol gestationeerd die onder meer verantwoordelijk zijn voor de beveiliging van de burgerluchtvaart. Ruim 500 mensen houden zich bezig met de paspoortcontrole en enkele honderden met politietaken, zoals surveillance en toezicht op het verkeer.

Ook het regelen van noodpaspoorten is één van de taken van de marechaussee. Jaarlijks worden er ongeveer 6000 nooddocumenten gemaakt, maar vooral in de zomerperiode zijn in die cijfers pieken te zien. „Het komt voor dat er in die maanden ongeveer 60 noodpaspoorten per dag worden verstrekt. Mensen krijgen er pas één als wij de noodzakelijke gegevens daarvoor kunnen controleren. Dan gebeurt het wel eens dat we in de zomermaanden vakantiegangers teleurgesteld naar huis moeten sturen”, licht Van Kapel toe.

Het valt op dat steeds meer mensen met nepwapens als souvenir van vakantie terugkomen, meestal uit landen rond de Middellandse Zee of Azië. Het gaat dan op katapulten, werpsterren of nepvuurwapens. Van Kapel waarschuwt: „Ook het invoeren van dit soort wapentuig is strafbaar. De bezitter moet het inleveren en hij of zij krijgt er nog een boete bij.” Jaarlijks worden rond de 2000 wapensoorten ingenomen, die vooral in de zomermaanden opduiken.