Nieuws/Binnenland

Cubaanse dictator overleefde zeker 638 moordplannen

Wonder dat Castro zo oud werd

HAVANA - Dat Fidel Castro na een lang en gewelddadig leven eindelijk vredig is ingeslapen, mag een waar wonder heten. Op weinig politieke leiders zijn zoveel aanslagen beraamd als op de revolutionair uit Cuba. De Cubaanse inlichtingendienst G2 in Havana houdt het op tenminste 638 pogingen.

Vrijwel alles is geprobeerd om de communistische leider uit de weg te ruimen: explosieven onder het podium waar Fidel zou spreken, gif in zijn sigaren, gif in het duikpak, gif in zijn schoenen, een geweer in een tv-camera, een bom in een zeeschelp, tot aan een bazooka om hem van het spreekgestoelte te blazen. Maar telkens, vroeg of laat, liepen de pogingen spaak.

Eén van de eersten die een eind aan Fidels leven wilde maken, was studiegenoot Enrique Ovares. „Ik kwam erachter dat Fidel geen goed mens was. Hij dacht alleen aan zijn eigen belang en wilde de absolute macht. Was hij communist? Nee, hij was vooral Fidelista, puur en alleen geïnteresseerd in zichzelf’’, vertelt Ovares in de documentaire ‘638 ways to kill Castro’.

Vlak na de revolutie in de begin jaren zestig was Castro geregeld in de straten van Havana te zien, weliswaar bewapend maar nog zonder al teveel lijfwachten. Ovares vatte het plan op de bebaarde leider op straat om te leggen. Echter, op het moment suprême, draalde de studiegenoot. De kans vloog voorbij.

Een andere poging waarbij de moed bij de aanslagplegers in de schoenen zakte, vond plaats in Chili in 1971. Castro bracht een uitgebreid bezoek aan de linkse president Salvador Allende. Twee moordenaars, getraind in Venezuela, deden zich voor als reporters en verstopten een geweer in hun tv-camera. De twee slaagden erin het wapen tot in de zaal van Fidels persconferentie te brengen. Maar het wapen afvuren, dat durfden ze niet.

Honkbal

Deze aanslag was gepland door Antonio Veciana, een Cubaanse Castro-hater uit Miami. Volgens hem, zo verklaarde hij in 1976 voor het Amerikaanse congres, hielp de CIA hem bij zijn moordpogingen op Castro. Eén keer stelde hij een team samen om in Havana een bazooka af te vuren op El Commandante. In 1984 bedacht hij een honkbal met explosief dat tijdens Fidels bezoek aan New York tegen zijn auto zou moeten worden gegooid. Tevergeefs.

De bekendste aanslagplegers tegen Castro zijn Orlando Bosch en Luis Posada Carriles. Bosch wordt verantwoordelijk gehouden voor het plannen van de bomaanslag op het Cubana toestel 455 vanaf Barbados waarmee op 6 oktober 1976 78 mensen om het leven kwamen. Castro was niet aan boord. „Ik word geacht ‘nee’ te zeggen’’, antwoordde Bosch in 2006, toen hem werd gevraagd of hij iets met de aanslag te maken had.

Vliegtuigbom

Ook Posada hielp in 1976 bij het plannen van de vliegtuigbom. In 1997 organiseerde de voormalige CIA-agent bomaanslagen op zeven hotels in Havana, waarbij één Italiaanse toerist stierf. En in november 2000 werd Posada aangehouden in Panama in bezit van honderd kilo aan explosieven. Daarmee wilde hij Fidel Castro van het podium blazen waar de Cubaanse leider zou spreken. Castro stak tijdens zijn speech de gek aan met Posada.

Het engeltje op de schouder van Fidel heeft een naam. In Cuba is hij bekend als Fabian Escalante. Vanaf de revolutie in 1959 tot in de jaren tachtig werkte deze Cubaan voor de Inlichtingendienst G2. Talloze aanslagen wist hij te voorkomen. Elk van de 638 bij de G2 bekende pogingen noteerde hij in het archief. Over Escalante verscheen zelfs een tv-serie. Toen Castro in 1979 naar New York en hem werd gevraagd of hij een kogelvrij vest droeg, ontblootte hij zijn bovenlijf en pochte: „Nee, ik heb een moreel vest.’’