1099901
Buitenland

Nicaragua overweegt 'Panamakanaal'

Politici in Nicaragua bekijken een plan van de regering om een kanaal te laten aanleggen van de Atlantische naar de Stille Oceaan. Managua wil een Chinese onderneming daarvoor toestemming geven. De oppositie is tegen bouw, die 10 jaar in beslag zou gaan nemen.

Het dagblad La Prensa rekent zich tot de tegenstanders en schreef vrijdag in een commentaar dat het hier niet alleen om een concessie aan het Chinese bedrijf gaat. Het gaat ook om „het onbeperkt afstaan van de natuurlijke rijkdommen en zelfs de nationale soevereiniteit”.

Volgens de regering van president Daniel Ortega is de zaak al praktisch rond. China zal een concessie van 100 jaar krijgen om over het kanaal te varen. Dit zal de invloed van Peking op de wereldhandel vergroten. Het kanaal wordt 22 meter diep, 20 meter breed en 286 kilometer lang en is daarmee groter dan zowel het Panamakanaal als het Suezkanaal.

De aanleg van het kanaal kost zo'n 40 miljard dollar (ruim 30 miljard euro). Het Chinese bedrijf doet voor de financiering van het project een beroep op beleggers in de hele wereld. In 2014 begint het met de aanleg. Verwacht wordt dat de eerste schepen al in 2020 over het kanaal van zee naar zee kunnen varen.

Een 'Nicaraguakanaal' is een oude droom van zeevaarders, waterbouwkundigen en wereldveroveraars. In het Spaanse koloniale tijdperk werd er al over nagedacht. In 1849 sloten Nicaragua en de Amerikaanse zakenman Cornelius Vanderbilt een contract om het in 12 jaar tijd aan te leggen via de rivier de San Juan en het Meer van Nicaragua. Het plan strandde vooral door de inval van een Amerikaanse avonturier, William Walker, die het land veroverde en daarmee de aanleg van het kanaal dwarsboomde.

Toch leek het tot begin 20e eeuw dat het Nicaraguakanaal er zou komen door de grote Amerikaanse belangstelling. Pas na enorme lobbyactiviteiten koos het Congres in Washington in 1902 voor Panama. Toen het Panamakanaal in 1914 was geopend, verdween de Nicaraguaanse optie snel naar de achtergrond.