Nieuws/Binnenland

Studieschuld kleinere last voor hypotheek

Oud-studenten die een studieschuld meetorsen, worden vanaf 2013 minder streng bekeken door banken en verzekeraars bij aanvraag van een hypotheek. Dat komt voort uit een afspraak tussen banken, verzekeraars en toezichthouder AFM.

De Nederlandse Vereniging van Banken (NVB), het Verbond van Verzekeraars en de Autoriteit Financiële Markten (AFM) hebben afgesproken dat ze bij het berekenen van het te lenen bedrag studieschulden als een minder grote last beoordelen. Ze spreken af dat de schuld als een maandelijkse kostenpost van 0,75 procent van de oorspronkelijke lening wordt beschouwd. Zo kunnen ze berekenen wat iemand maandelijks aan rente en aflossing kan betalen.

Dit heeft staatssecretaris Zijlstra (onderwijs) laten weten in antwoorden op Kamervragen. Die wezen op afspraken die stellen dat banken en verzekeraars moeten uitgaan dat schulden zorgen voor maandlasten van 2 procent van de oorspronkelijke lening.

Ander karakter

"Het is echter aan aanbieders zelf om te bepalen hoe zwaar studieschulden meegewegen bij het bepalen van de leencapaciteit", stelt Zijlstra. De gedragscode voor hypothecair financiers bevat de 2 procent-norm voor aflopende kredieten. "Studieleningen hebben een ander karakter dan een consumptief krediet."

Het is de bedoeling dat deze nieuwe norm van 0,75 procent vanaf april 2013 wordt gehanteerd.