1105979
Nieuws

De eerste keer naar Engeland

Uitputtingsslag

De eerste keer de Noordzee oversteken is  voor velen een mijlpaal in hun zeilersleven. Denk er niet te lichtvaardig over, het is een slijtageslag. Ruud van Kats, Inge Eussen en Guus Wolf kunnen erover meepraten.

Het is koud en mistig en in de haven van Scheveningen en het zicht is niet meer dan tweehonderd meter. Ruud, Inge en haar vriend Guus willen naar Engeland. Voorlopig lijkt Lowestoft echter verder dan ooit. De drie, allen met redelijk veel zeilervaring op binnenwater, hebben zich aangemeld bij de zeezeilschool Scheveningen voor een zogenoemde ,mijlenmakerscursus’. Doel voor de twee mannen is ervaring opdoen om ooit zelfstandig de oversteek te maken.Slecht zichtInge is minder ambitieus, zij gaat mee omdat haar Guus zich wil voorbereiden op zo’n zelfstandige overtocht. Eindverantwoordelijke bij deze tocht is Hendrik ten Hoor, een ervaren zeilinstructeur.  Zes uur nadat de groepsleden zich hebben verzameld in Scheveningen zijn ze vanwege het slechte zicht nog niet vertrokken. Als de mist rond middernacht uiteindelijk toch optrekt varen ze halsoverkop uit.

NachtzeilenHet wordt een valse start. Eenmaal op zee valt de wind bijna weg maar wordt de mist weer dichter. Het is een nieuwe ervaring voor de meesten; nachtzeilen op zee in de mist. De roerganger staart in de inktzwarte duisternis naar een schermpje op de mast waarop de koers staat. Als de wind nog verder wegvalt gaat de motor aan.

De desoriëntatie is compleet.  Als er twee keer rondjes zijn gedraaid en de mist nog sterker begint op te zetten, wordt er omgedraaid. Moe en onvoldaan meert het gezelschap weer aan in Scheveningen.  

Nieuwe pogingNa enkele uren geslapen te hebben, staat instructeur Hendrik de volgende morgen opgewonden bij de nog slapende deelnemers: ,,Het is prachtig weer, de mist is opgetrokken. We proberen het opnieuw!’’. Kort daarop zit de groep weer op zee. De mist is weg en de wind trekt aan tot circa windkracht zes. De eersten beginnen over te geven. De vrouw aan boord, Inge, degene die geen zoute zeilambities heeft, heeft er nauwelijks last van.  

ZeeziekDe mannen voelen zich meer of minder zeeziek. Ondertussen moet de boot wel bestuurd worden. Gelukkig is daar instructeur Hendrik. Hij is niet alleen ervaren maar lijkt ook geen last van zeeziekte te hebben. Hij maakt een maaltijd klaar, die echter door de anderen nauwelijks wordt gegeten.

Afnemende fitheidDe fitheid van de Ruud en Guus begint af te nemen. Er wordt een wachtritme van drie uur op en drie uur af ingesteld. Als de een achter het stuurwiel staat met een compagnon, slapen de andere twee. Er vliegt een Jan van Gent voor de boeg. De fitheid van de bemanning begint verder te verdampen, zeker nu de zuidwestelijke wind aanwakkert richting windkracht zes en het sturen inspannender wordt. Buiten striemt de regen, het is ijskoud.

Scherp blijvenDe nacht valt en het varen wordt moeilijker. Nachtzeilen op de Noordzee in een gebied met beroepsvaart is nieuw voor de deelnemers. Aan de horizon schuiven kolossale tankers en containerschepen voorbij;  een groot gevaar tijdens de oversteek. Een aanvaring is voor de kleine Bavaria 38 fataal. Op de brug van het beroepschip wordt de botsing waarschijnlijk niet eens opgemerkt. Het zeiljacht heeft, om botsingen te vermijden, AIS aan boord. Ondanks dat moet je scherp blijven.

Slapeloze nachtenMaar echt scherp zijn ze niet meer. De zeeziekte duurt voort, de kotsemmer moet regelmatig worden geleegd. Degene die niet wachtloopt, probeert te slapen. Maar de boot maakt helling, de magen zijn bijna leeg en het besef dat er overal beroepsscheepvaart om je heen vaart, werkt niet slaapbevorderend. Van echt slapen komt dan ook weinig.  

Land in zichtMidden in de nacht, na circa vijftien uur varen, komt de haven van Lowestoft in zicht. Guus is het inmiddels zo moe en ziek dat hij zegt te overwegen met de ferry terug te gaan. Mist, vermoeidheid, containerschepen op zee, zeeziekte: de oversteek bleek een onverwachte slijtageslag. Het was een verrijkende maar ook een ontnuchterende ervaring en het oversteken van de Noordzee bleek moeilijker dan gedacht.