Nieuws/Binnenland
1122309
Binnenland

Bussemaker: zwaardere toelatingseis voor pabo

Minister Jet Bussemaker gaat de toelatingseisen voor de lerarenopleiding pabo verzwaren. Er moet meer worden gelet op de prestaties van studenten op het gebied van aardrijkskunde, geschiedenis, natuur en techniek. Dat zei Bussemaker woensdag tijdens een overleg in de Tweede Kamer.

Nu wordt bij de toelating voor de pabo enkel gekeken of een student een havo-, vwo- of mbo-4-diploma heeft. „Ik wil ervan verzekerd zijn dat studenten die beginnen aan de pabo, de opleiding ook aankunnen”, zei Bussemaker. Ze wil studenten niet pas toetsen in het eerste jaar, maar al daarvoor.

De extra aandacht voor aardrijkskunde, geschiedenis, natuur en techniek is volgens Bussemaker nodig, omdat maar een klein deel van de pabo-studenten eindexamen heeft gedaan in deze vakken. Als studenten doorstromen vanuit het mbo, hebben ze zelfs helemaal geen les gehad in deze vakken.

De minister wil dat de nieuwe regels in 2014 ingaan, maar hecht er ook aan dat studenten goed worden voorbereid op de veranderingen. Samen met de opleidingen gaat Bussemaker de eisen de komende tijd nader uitwerken. Ook gaat ze in kaart brengen hoeveel aankomende studenten zullen gaan afvallen.

Bussemaker zei verder dat ze ook nadenkt over het aanscherpen van de toelatingseisen voor andere docentenopleidingen. „We moeten zeker weten dat we de juiste studenten in de lerarenopleidingen krijgen”, zei Bussemaker.

Een andere impuls voor de kwaliteit van leraren is de lerarenbeurs, waar dit jaar 8100 leraren gebruik van kunnen maken om zich bij te laten scholen. Bussemaker meldde eerder op de dag dat ook leraren zonder vast contract hiervoor in aanmerking kunnen komen. Ze trekt daarvoor 60 miljoen euro uit, bovenop de 14 miljoen die al beschikbaar was voor dit jaar.

Tot nog toe hebben 33.000 leraren een beurs gekregen. Een docent kan maximaal 7000 euro krijgen om collegegeld mee te betalen en maximaal 700 euro voor studie- en reiskosten. De beurs moet worden terugbetaald als leraren niet voldoende studievoortgang maken.