Nieuws/Binnenland
1124046
Binnenland

Verzetsmannen hebben na 70 jaar weer een naam

De verzetsmannen Nicolaas van der Horst en Nicolaas Corstanje hebben na 70 jaar hun naam weer terug. Beide mannen werden in de Tweede Wereldoorlog door de nazi's geëxecuteerd en anoniem op onbekende plekken begraven. Nu is dankzij DNA-materiaal van familieleden duidelijk geworden wie zij zijn en komt een einde aan de onzekerheid bij hun nabestaanden, meldde de politie donderdag.

De stoffelijke resten van de twee mannen zijn geïdentificeerd na onderzoek van onder meer de Werkgroep Vermiste Personen Tweede Wereldoorlog. Het Nederlands Forensisch Instituut deed het DNA-verwantschapsonderzoek.

Speurwerk van een particuliere onderzoeker naar het lot van Van der Horst leidde naar een naamloos oorlogsgraf in Hoofddorp dat onlangs werd geopend. Een neef van Van der Horst leverde DNA-materiaal om te vergelijken. Corstanje werd op de Waalsdorpervlakte bij Den Haag gefusilleerd en begraven en in Leusden naamloos herbegraven. Zijn DNA werd vergeleken met dat van zijn zus, die inmiddels 88 is.

De Duitse bezetter arresteerde Van der Horst in 1942 voor spionage. De reclameadviseur uit Amsterdam was toen 29. Een vuurpeloton maakte in februari 1943 op Schiphol een einde aan zijn leven. Geboren in Goes, werkte Corstanje in de oorlog als kantoorbediende in Den Haag. In oktober 1944 werd hij opgepakt voor verzetsactiviteiten en doodgeschoten. Na de bevrijding kwam men er niet achter wie hij was.

Het is nog niet duidelijk waar de lichamen van de twee Nicolazen zullen worden begraven. De Oorlogsgravenstichting is daarover nog in overleg met de nabestaanden. Een van de mogelijkheden is dat zij een plek krijgen op het militair ereveld in Loenen.

De Werkgroep Vermiste Personen Tweede Wereldoorlog roept nabestaanden van vermisten uit de oorlog op hun DNA te laten registreren, in de hoop dat daarmee meer vermissingen kunnen worden onderzocht en opgelost.