Nieuws/Binnenland
1124320
Binnenland

'Hoogste schooladvies moet tellen'

Leerlingen van groep 8 moeten voortaan het voordeel van de twijfel krijgen bij het advies voor de middelbare school. „Het hoogste advies moet gaan tellen”, vindt PvdA-Kamerlid Loes Ypma. Ze gaat donderdag in het debat over de Cito-toets met steun van de VVD een aantal voorstellen doen om een door staatssecretaris Sander Dekker voorgestelde wet flink aan te passen.

„Het advies van de leraar moet veel meer centraal komen staan. Daarom moet de Cito-toets pas in mei worden afgenomen als kinderen al zijn ingeschreven op de middelbare school”, stelt Ypma. De toets kan er dan alleen nog maar voor zorgen dat kinderen op een hoger niveau terechtkomen dan de leraar had geadviseerd.

„Nu krijgt 10 procent van de leerlingen nog een te laag schooladvies”, zegt Ypma. Dat gebeurt bijvoorbeeld weleens bij kinderen uit lagere inkomensgroepen en hoogbegaafde kinderen, die het in de klas niet zo goed doen maar wel hele hoge Cito-scores halen. „De Cito-toets is nodig om ook die kinderen een kans te bieden.”

Overigens denkt VVD-Kamerlid Karin Straus niet dat het advies heel vaak zal worden aangepast. Zij richt haar pijlen onder meer op een leerlingvolgsysteem, waar docenten door de jaren heen bijhouden hoe een leerling het doet. Daardoor is het oordeel van de leraar van groep acht niet het enige waar een school zich bij het advies op kan baseren.

Ypma wil verder in de wet laten zetten dat het voortgezet onderwijs niet meer mag selecteren op de Cito-score, maar zich moet baseren op het advies van de docent. „Nu selecteren scholen keihard op de uitslag van de toets en dat doet kinderen veel onrecht.” Volgens de PvdA-politica is niet alleen rekenen en taal - dat wat de Cito-toets meet - van belang, maar ook of een kind heel sociaal is of goed in techniek of sport.

Dekker wil de Cito-toets voor alle scholen verplichten. Hij wil de toets ook al naar achteren schuiven, van februari naar april. Volgens Dekker is het goed om na 8 jaar basisschool objectief te meten hoe een kind ervoor staat.