Nieuws/Buitenland
1128286
Buitenland

Piloten JSF kunnen niet achterom kijken

De JSF-straaljager is technologisch hoogstaand, maar gewoon achterom kijken is voor de piloten erg moeilijk. Testvliegers klagen steen en been dat ze nauwelijks zicht naar achteren hebben vanuit de cockpit, wat erg gevaarlijk is bij luchtgevechten op korte afstand.

„Het zicht naar achteren zorgt ervoor dat de piloot iedere keer wordt neergeschoten”, klaagt een van de vliegers. Een ander zegt dat het „vrijwel onmogelijk” is om te zien of er een vijandelijk toestel achter de F-35 zit tijdens een luchtgevecht. Ook vinden de JSF-vliegers het moeilijker om zicht te houden op vliegtuigen waarmee ze in formatie vliegen.

De klachten staan in een evaluatierapport voor het Pentagon van de F-35 Lightning II uit februari. Een Amerikaanse defensiewaakhond heeft het openbaar gemaakt. Het rapport concludeert dat het zicht naar achteren mogelijk een groot probleem blijft voor alle F-35-piloten in de toekomst. Een eenvoudige oplossing is er niet, vanwege het ontwerp van het vliegtuig. Bij de voorgangers van de F-35, zoals de F-16, was expliciet rekening gehouden met het zicht van de piloot naar achteren.

De rapportage niet alleen kritisch over 'de dode hoek' van de F-35. Het bevat een waslijst met problemen die nog niet zijn opgelost. Zo is de betrouwbaarheid van de toestellen nog ondermaats. Ook zijn verbeteringen nodig aan onder meer de radar, de geavanceerde helm voor de piloten en de ergonomie in de cockpit van onder meer de radio- en navigatieapparatuur.

De F-35, ook wel JSF of Joint Strike Fighter genoemd, is de beoogde opvolger van de F-16 bij de Koninklijke Luchtmacht. De vliegtuigen zijn nog in de testfase. De ontwikkeling loopt inmiddels jaren achter op schema. Het programma wordt geplaagd door aanhoudende technische problemen en kostenoverschrijdingen.

De tweede Nederlandse F-35 heeft deze week de fabriek verlaten in Fort Worth in Texas. Het eerste Nederlandse toestel liep vorig jaar van de band.