Nieuws/Binnenland
1145051804
Binnenland

Westland verliest zaak tegen Slob over komst islamitische school

DEN HAAG - De gemeente Westland kan de vestiging van een islamitische basisschool niet blijven dwarsbomen. In een laatste poging de komst van de school in Naaldwijk tegen te gaan, spande de gemeenteraad een rechtszaak aan tegen het besluit waarmee Arie Slob (Basis- en Voortgezet Onderwijs) de oprichting mogelijk maakte.

In de gemeenteraad was een meerderheid tegen de komst van de moslimschool. De Raad van State heeft de bezwaren van de gemeenteraad woensdag verworpen.

Met de uitspraak van de hoogste bestuursrechter komt een einde aan een slepende juridische procedure. De Raad van State oordeelde vorig jaar in een andere zaak ook al dat de school bestaansrecht heeft. In eerste instantie had de gemeenteraad de aanvraag goedgekeurd en was het juist het kabinet dat de oprichting van de school probeerde tegen te houden. Sander Dekker, toen nog staatssecretaris van Onderwijs, oordeelde eind 2016 dat de school gezien de bevolkingssamenstelling van het Westland op te weinig leerlingen zou kunnen rekenen.

In de gemeente Westland geldt dat een school opgericht kan worden als minimaal 257 leerlingen worden verwacht. Die zogeheten stichtingsnorm zou niet worden gehaald, schatte Dekker in. Volgens hem was het aantal inwoners met wortels in islamitische landen te laag. Zij vormen bijna 3 procent van de 110.000 inwoners. Slob stelde zich na zijn aantreden op hetzelfde standpunt.

De Raad van State vond het argument te zwak om aannemelijk te maken dat de school op te weinig belangstelling zou kunnen rekenen en stelde scholenstichting Yunus Emre in het gelijk. De school moest in aanmerking komen voor bekostiging door de overheid en in het lokale scholenplan worden opgenomen.

In de tussentijd tekende zich in de gemeenteraad een meerderheid af tegen vestiging van de islamitische school. In weerwil van de uitspraak bleef het Westland alle medewerking weigeren. Daarop greep Slob in. Hij dwong de gemeente zich aan de uitspraak te houden. Daarop besloot de raad een rechtszaak aan te spannen tegen het besluit van de minister. Met de uitspraak van woensdag is ook die zaak ten einde en kan Yunus Emre de oprichting doorzetten.