Nieuws/Binnenland
1150670011
Binnenland

Onderzoeksraad: besluit vliegverbod boven conflictgebieden ’te traag’

DEN HAAG - De besluitvorming over het snel sluiten van een luchtruim boven conflictgebieden verloopt nog altijd te traag. Dit concludeert de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OVV) in het donderdag gepubliceerde onderzoek Veilige vliegroutes.

„Uit voorzorg moet een luchtruim boven een risicogebied eerder worden gesloten of vermeden”, zegt Jeroen Dijsselbloem, voorzitter van de Onderzoeksraad voor Veiligheid. „Afgelopen jaren is gebleken dat onwaarschijnlijke scenario’s heel snel realiteit kunnen worden.”

MH17

Dit is het derde onderzoek van de Onderzoeksraad naar vliegen boven conflictgebieden. In het eerste onderzoek, naar aanleiding van de ramp rond vlucht MH17 in juli 2014 - met bijna driehonderd doden, onder wie vele Nederlanders - concludeerde de raad dat het luchtruim boven het oosten van Oekraïne gesloten had moeten worden. Aanleiding voor aanvullend onderzoek is de crash van een Oekraïens vliegtuig in Iran in januari vorig jaar.

De communicatie tussen de Nederlandse overheid en onder meer de KLM is de afgelopen jaren „aanmerkelijk verbeterd.” Maar de overheid geeft slechts informatie en geeft geen advies of legt geen vliegverbod op. In landen om ons heen gebeurt dit wel, maar de Nederlandse wet staat dit niet toe. Dijsselbloem gaat ministers Cora van Nieuwenhuizen (Infrastructuur en Waterstaat) en Ferd Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) vragen om dit wel te overwegen.

De Onderzoeksraad vindt dat de risico-inschatting en de publicatie van een vliegadvies door landen en door de EU nog te veel tijd kost. De raad doet aanbevelingen over versnelling van het besluitvormingsproces.

KLM

Dijsselbloem noemt het opvallend dat Nederland de KLM niet kan dwingen om het luchtruim boven conflictgebieden te mijden, omdat dit wettelijk niet is toegestaan.

„In steeds meer landen om ons heen - Amerika en Canada, Engeland, Duitsland en Frankrijk - bemoeit de overheid zich actief met de risico’s van vliegen boven conflictgebieden. Ze dragen niet alleen informatie aan bij luchtvaartmaatschappijen, maar geven ook adviezen of leggen zelfs een verbod op aan maatschappijen”, zegt Dijsselbloem in een toelichting op het rapport Veilige vliegroutes. „De Nederlandse overheid is terughoudend, dienstverlenend. De overheid levert informatie aan, maar laat het daarna over aan de luchtvaartmaatschappijen. Dat is wel een opvallend verschil vergeleken met onze bondgenoten.”

Dijsselbloem vindt dat overheden veel sneller moeten schakelen bij dreiging voor de luchtvaart, hoe onwaarschijnlijk het soms ook lijkt dat een passagierstoestel uit de lucht wordt geschoten. „Dat kan allemaal waar zijn, maar we hebben voldoende ervaring dat het wel kan gebeuren. Juist omdat een conflict snel kan escaleren, moet je uit voorzorg proberen een gebied tijdelijk te mijden.”

Iran

Dijsselbloem wijst hoofdschuddend op Iran, waar begin 2020 een Oekraïens toestel uit de lucht werd geschoten. „Na de crash duurde het nog dagen voordat de Europese instanties luchtvaartmaatschappijen adviseerden daar weg te blijven. Het was mosterd na de maaltijd, terwijl de meeste andere landen dit besluit al lang hadden genomen.”

De bescherming van de burgerluchtvaart ligt in de eerste plaats in handen van het land waar het conflict zich afspeelt. Dit land kan zijn luchtruim geheel of gedeeltelijk sluiten. Dijsselbloem: „Dit gebeurt eigenlijk zelden. Je kunt er niet op rekenen dat Libië, Syrië, Iran of Irak bij snel oplopende conflicten het luchtruim tijdig sluiten.”

Dijsselbloem vindt dat het kabinet een wet moet overwegen die de KLM een vliegverbod kan opleggen bij dreigende situaties. „Als je die stap zet, moet je het ook kunnen waarmaken. De verantwoordelijkheid is groot, dus de informatiepositie en besluitvorming moet dan goed op orde zijn.”

Veilig betalen
14 dagen bedenktijd
webshop logo
Veilig betalen
14 dagen bedenktijd
webshop logo