1163419
Nieuws

Alle hens aan dek voor de Nederlandse economie

Alle hens aan dek voor de Nederlandse economie is de boodschap van de economen Willem Vermeend en Rick van der Ploeg. Zij verwachten voorlopig geen groei. Dat is mede het gevolg van de zwakke punten in onze economie. Nederland is op verschillende internationale ranglijsten gezakt, zoals op het terrein van innovatie, onderwijs, onderzoek en wetenschap, vestigingsklimaat en  productiviteit. Met het huidige regeerakkoord zullen deze zwakke punten,die remmend werken op onze groei, niet worden weggenomen.

Traditioneel is december de maand van voorspellingen. Op allerlei terreinen wordt er voor uitgeblikt naar het volgende jaar. Daarbij trekken vooral de verwachtingen over het beursklimaat en de economische ontwikkelingen veel aandacht. Inmiddels weten we uit ervaring dat ze meestal niet uitkomen en dat de fundering in veel gevallen niet beter is dan een glazen bol. Niettemin blijft iedereen meedoen onder het motto een beetje houvast is beter dan helemaal niets.

Zo vaart politiek Den Haag voor de economie op het kompas van het Centraal Planbureau. Maar ook deze internationaal gezaghebbende instelling zit er vaak naast, vooral als het gaat om de ramingen van onze economische groei. Vorig jaar september voorspelde het CPB dat de Nederlandse economie in 2012 met 1 procent zou groeien. Deze week moesten de rekenmeesters erkennen dat ze te optimistisch waren geweest en vaststellen dat we dit jaar eindigen met een krimp van 1 procent. Voor volgend jaar doet het CPB weer een poging met de verwachting dat ons nationaal inkomen in 2013 met 0,5 procent zal krimpen en de werkloosheid zal oplopen tot 6%. Ook nu rijst de vraag of het CPB niet te optimistisch is. Op zich is enig optimisme in deze sombere tijden meer dan welkom. Bovendien zal met al te veel somberen de economie niet herstellen en eerder verder het slop in raken.

Kijken we buiten Nederland dan zien we een aantal lichtpuntjes. De belangrijkste economie van de wereld, die van de Verenigde Staten draait goed. Dat geldt ook voor de nummer 2, de economie van China. Ook de economie van Brazilië en zelfs veel landen in Afrika tonen mooie groeicijfers. Dichter bij huis ziet het beeld er slechter uit. De meeste Europese landen laten een lage groei of zelfs krimp zien en de verwachtingen voor 2013 zijn helaas niet veel beter. Maar toch zien wij ook in Europa signalen die er op wijzen dat het dieptepunt van de schuldencrisis gepasseerd is. Het lijkt er op dat door een aantal besluiten van de Europese regeringsleiders, zoals de instelling van een bankenunie en de reddingsoperatie voor Griekenland, de financiële onrust in de eurozone voorlopig afneemt. Dat is goed nieuws, vooral voor Nederland dat als exportland voor economische groei sterk afhankelijk is van het wel en wee in de Europese Unie. Toch moeten we ook hier een slag om de arm houden, omdat veel van de details nog ingevuld moeten worden. En ‘the proof of the pudding is in the eating’.

Niet afwachten, zelf aan de slag gaan

Het zou onverstandig en ronduit onverantwoord zijn als politiek Den Haag lijdzaam afwacht tot een aantrekkende wereldhandel onze economie via extra export weer in beweging brengt. Wij moeten ook zelf aan de slag gaan. Dit wordt nog eens onderstreept door de werkloosheidscijfers die deze week door het CBS zijn gepubliceerd, die liegen er niet om. We eindigen dit jaar met 552.000 mensen die werkloos zijn: 7% van onze beroepsbevolking. In 2011 lag dit percentage nog onder de 5%. Het vervelende is dat er geen zicht op is dat het bij deze 7% zal blijven, de kans is groot dat de werkloosheid in 2013 verder zal oplopen. Daarom heeft het kabinet er verstandig aan gedaan deze week het polderoverleg vlot te trekken.

Samen met werkgevers en werknemers moet er snel een maatregelenpakket in elkaar worden getimmerd waarmee in ieder geval de stijging van de werkloosheid kan worden gestopt. Ook een besluit om af te zien van extra bezuinigen helpt. Maar voor de langere termijn is dat niet genoeg. Analyses wijzen uit dat de Nederlandse economie de afgelopen tien jaar mede door de politieke onrust in Den Haag, vijf kabinetten in tien jaar, zware averij heeft opgelopen. Daardoor zijn we op verschillende internationale ranglijsten gezakt, zoals op het terrein van innovatie, onderwijsniveau, onderzoek en wetenschap, vestigingsklimaat, productiviteit en klimaatbeleid.De opmars van de online wereld

In onze digitale publicatie Alle hens aan dek voor de Nederlandse economie die boven aan het artikel gratis gedownload kan worden, hebben wij de zwakke punten van de Nederlandse economie op een rijtje gezet. Daarin stellen we ook vast dat ons land de komende jaren steeds meer terrein zal verliezen op internationale markten. Het Nederlandse exportpakket is niet innovatief genoeg. Bovendien neemt de concurrentie op de wereldmarkt sterk toe door de snelle groei van opkomende economieën, zoals China en de digitalisering van de wereldeconomie.

De wereldwijde razendsnelle digitalisering heeft een sterke invloed op economische ontwikkelingen en werkgelegenheid. De online wereld dwingt tot nieuwe manieren van denken, leren, werken, ondernemen en geld verdienen (te vinden op www.ebusinessbook.nl). Het web beïnvloedt ook onze arbeidsproductiviteit en welke bedrijven hun omzet kunnen vergroten of hun omzet in het internettijdperk zien teruglopen of zelfs niet meer kunnen overleven. En we staan pas aan het begin. De komende jaren zullen we de opmars zien van het internet of things ( miljarden toestellen en apparaten worden aan het internet gekoppeld) en het zogenoemde 3D printen. Deze technologie zal in verschillende bedrijfssectoren tot nieuwe productieprocessen en producten leiden, zoals in de bouw ( het printen van huizen), in de voedselindustrie (het printen van voedsel), in de medische sector ( het printen van protheses).Nederland moet een toonaangevend internetland worden

Het wereldwijde web heeft invloed op de vraag waar ondernemers zich zullen vestigen. Landen met de beste internetinfrastructuur, zoals supersnel internet en adequate wettelijke regels die het vrije internet waarborgen, beschikken daarmee over een extra wervingskracht om nieuwe bedrijven en kenniswerkers naar hun land te halen en bestaande bedrijven te behouden. Door de internationale digitalisering nemen de effecten daarvan op de groei van de economie en de werkgelegenheid toe en daarmee ook op de welvaart en de verdeling daarvan in de wereld. Veel bedrijven zullen met het oog daarop hun businessmodellen moeten aanpassen en vernieuwen. Dit geldt ook voor ons onderwijs en de publieke dienstverlening door overheden (e-government) en de zorgsector (e-health).

In Nederland is dit besef nog niet echt doorgedrongen. Wie de moeite neemt om het regeerakkoord van VVD en PvdA door te nemen, zal met enige verbazing constateren dat de opstellers voorbij zijn gegaan aan de opmars van de wereld van het internet. Het lijkt er op dat ze in hun haast om tot een akkoord te komen online zijn vergeten. Maar het is ook mogelijk dat ze de uitdagingen en kansen die de wereld van het internet Nederland te bieden heeft niet onderkennen Dit geldt ook voor het Nederlandse bedrijfsleven.

Op de internationale ondernemingsranglijst van internettoepassingen valt ons land buiten de top tien. Om mee te kunnen in de internationale wereld van vandaag en morgen moeten bedrijven, werkgevers, werknemers, overheden en andere instellingen zo snel mogelijk in spelen op de wereldwijde digitale revolutie. In Nederland zijn we nog lang niet zover en daar ligt dan ook een uitdaging en een kans voor onze economie. Ons land moet een digitale koploper worden, Nederland Internetland. Daarmee jagen we niet alleen op een duurzame wijze onze economie aan, maar hebben we ook meer kans om met innovatieve producten en diensten onze exportpositie te versterken.

Rick van der Ploeg is hoogleraar economie in Oxford en hoogleraar politieke economie aan de UvA. Van 1998 tot 2002 was hij PVDA-staatssecretaris in het kabinet-kok II. Van der Ploeg studeerde economie aan de Universiteit van Sussex en promoveerde in 1981 bij de Universiteit van Cambridge. Hij heeft circa 100 publicaties op zijn naam staan met onder meer de titels ‘Is de econoom een vijand van het volk?’ en ‘een schaap in wolfskleren.’

Willem Vermeend is internetondernemer en bijzonder hoogleraar Economics and E-Business aan de Maastricht School of Management ( MSM). Daarnaast vervult hij diverse bestuursfuncties en commissariaten bij nationale en internationale bedrijven, waaronder Randstad. Vermeend had ook een actieve rol in de politiek. Vanaf 1994 tot 2002 was Vermeend PVDA-staatssecretaris van Financiën en minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in de kabinetten Kok I en II. Hij schreef diverse boeken, zoals de Kredietcrisis, de Wij-Economie en de Wereld van het Internet.