Nieuws/Binnenland
1167047
Binnenland

Troje, mythe en werkelijkheid

Wat is de overeenkomst tussen Brad Pitt en Alexander de Grote? Voor beiden was Achilles, de Griekse held uit de Trojaanse oorlog, een bron van inspiratie. Alexander de Grote bezocht de stad Troje in het noordwesten van Turkije in 334 voor Chr. om de wapenuitrusting van Achilles op te graven.

Brad Pitt speelde de held uit de ’Ilias’ van Homerus in de film ’Troy’. Het houten paard uit de film, waarin de Grieken zich op aanwijzingen van de slimme Odysseus hadden verstopt om zo binnen de muren van Troje te komen, staat nu in de Turkse stad Canakkale, niet ver van het door Unesco erkende Nationale Park Troje.

Voor de deur van het Amsterdamse Allard Pierson Museum, waar tot 5 mei de tentoonstelling ’Troje. Stad, Homerus en Turkije’ te zien is, staat een modern ’Paard van Troje’. Binnen langs de wanden van de expositieruimten zien bezoekers het verhaal van Homerus uitgebeeld op Griekse schalen en vazen, terwijl in het midden de resultaten te zien zijn van de opgraving van Troje. „Juist omdat de verhalen van Homerus, die bol staan van menselijke emoties als liefde, jaloezie, wrok en strijd, mensen vanaf de oudheid tot nu zo enorm hebben geboeid, is Troje de meest onderzochte archeologische vindplaats ter wereld geworden”, zegt dr. Gert Jan van Wijngaarden van de Universiteit van Amsterdam. „Vanaf het moment dat de Duitse onderzoeker Heinrich Schliemann in 1870 de eerste spade in de grond stak, hebben zich vrijwel continu de beste archeologen over de resten van de stad gebogen.”

 

Gefascineerd

 

Als een echte schatgraver ging Schliemann, die geen archeoloog was maar als kind gefascineerd raakte door het heldendicht van Homerus, dwars door de heuvel Hisarlik heen, waar zich in de loop van de tijd stad op stad had gestapeld. Later ontdekten archeologen dat er niet een Troje was, maar wel tien, verdeeld over een periode van 4000 jaar. In de middelste zaal van de tentoonstelling wordt dat gedemonstreerd. In een grote vitrine zijn onderop de oudste archeologische vondsten te zien en bovenin de latere objecten. „De alledaagse producten van een agrarische samenleving, die zich bezighield met pottenbakken, metaal smelten en weven, moeten Schliemann een beetje zijn tegengevallen”, zegt Van Wijngaarden. „Alleen de typerende depasbeker (wijnbeker met twee oren) wees op een aristocratische bovenlaag.”

Toch werd Schliemann wereldberoemd met een verzameling gouden sieraden en vaatwerk van goud, zilver en brons, die hij presenteerde als de ’Schat van Priamus’. (genoemd naar de Trojaanse koning Priamus). Hij beweerde dat hij alles bij elkaar in een kist had gevonden. Maar voor zijn dood bekende hij dat de voorwerpen op verschillende tijdstippen en op verschillende plekken waren gevonden. Uit onderzoek bleek ook dat ze uit een veel vroegere periode stamden dan de Trojaanse oorlog, die in de 12e eeuw voor Chr. moet hebben plaatsgehad. De uit Turkije gesmokkelde schat ging eerst naar Berlijn. Het goud werd na de oorlog door de Russen meegenomen naar Moskou. Nergens is hij compleet te zien. In het Allard Pierson nu wel, al gaat het hier om replica’s.

Dankzij de viering van 400 jaar Turkije-Nederland kreeg het Allard Pierson Museum unieke bruiklenen uit Turkije. Een absoluut topstuk is de marmeren kop van Zeus uit de 2e eeuw voor Chr. „Hij bepaalde het verloop van de Trojaanse oorlog en is de directeur van deze tentoonstelling”, zegt conservator Rene van Beek. „Als oppergod werd hij geacht neutraal te blijven, maar de goden, die deels achter de Grieken en deels achter de Trojanen stonden, deden hun uiterste best om hem te beïnvloeden.”

Het Trojaanse paard, dat het eind van de oorlog inluidde, wordt nog steeds gebruikt als voorbeeld hoe een vijand listig je systeem binnen kan sluipen. Denk aan ’Trojan horse’ in computertaal. Een van de weinigen die de brandende stad wist te ontvluchten, was de Trojaanse held Aeneas. De Romeinse keizer Augustus, wiens beeld ook op de tentoonstelling staat, beweerde een nazaat te zijn van deze held, die een zoon was van de godin Aphrodite. Hij is niet de enige die zich Troje heeft toegeëigend. Toen de Turkse sultan Mehmet II in 1453 Constantinopel veroverde, zag hij dat als de ’wraak voor Troje’. Iets dergelijks zei ook Atatürk bij de ’Slag om Gallipoli’ aan de Dardanellen (1915-1916) tegen de Britten en de Fransen.

 

Oude Turfmarkt 127,  Amsterdam.  www.allardpiersonmuseum.nl