Nieuws/Binnenland
1175064
Binnenland

OM eist tot 9,5 jaar in Groninger hiv-zaak

Tegen twee verdachten in de zogenoemde Groninger hiv-zaak zijn donderdag in hoger beroep opnieuw celstraffen geëist. Volgens de aanklager zijn voor Peter M. en Hans J. celstraffen van respectievelijk 9,5 en 7,5 jaar op zijn plaats, omdat zij in de periode 2005-2007 tijdens seksfeesten in Groningen andere mannen bewust zouden hebben besmet met hiv, het virus dat aids kan veroorzaken.

Het is de tweede keer dat de zaak in hoger beroep dient. Eerder veroordeelde het hof in Leeuwarden de mannen tot 12 en 9 jaar. Maar de Hoge Raad verwees de zaak terug naar het hof in Arnhem, omdat de raad niet uitsloot dat de slachtoffers de besmetting opliepen door onveilige seks in plaats van door injecties. Het hof moet beter motiveren of het bij ieder van de vier slachtoffers „hoogst onwaarschijnlijk' is dat ze het virus door onbeschermde seks hebben opgelopen.

Seksfeestjes

Niet alle feiten die het eerdere hof behandelde, kwamen donderdag aan de orde. Had wel alles opnieuw behandeld moeten worden, dan had de aanklager tegen M. 11 jaar geëist. Voor J. betekent de eis dat hij niet terug zou hoeven naar de cel.

Volgens de aanklager hebben M. en J., die destijds een relatie hadden, seksfeestjes georganiseerd waarbij ze mannen drogeerden met drugs. Vervolgens zouden ze bij een aantal mannen met injectienaalden besmet bloed hebben ingespoten, in sommige gevallen bleef het bij een poging. De twee ontkennen dat ze bewust mannen besmetten. De slachtoffers zouden hebben geweten dat ze risico op besmetting liepen. „Als je op internet op zoek gaat naar een dergelijk feestje, kom je niet voor een kopje thee en een koekje', zei J.

Groep

De advocaat-generaal zei het plan van de mannen was om een groep hiv-geïnfecteerde mannen om zich heen te creëren met wie ze later onbeschermde seks zouden kunnen hebben. M. zou de initiator zijn geweest, hij kreeg van het hof in Leewarden destijds ook de hoogste straf. M. zit nog altijd vast.

Volgende

J. kwam dit voorjaar na bijna vijf jaar op vrije voeten. Hij wordt gezien als verminderd toerekeningsvatbaar en „als een volgende figuur”. J. vertelde voor het hof dat hij zijn leven weer op de rails probeert te krijgen. Hij heeft nog geen werk en is nog op zoek naar een eigen woning.