Nieuws/Binnenland
121111
Binnenland

Artis geeft Groote Museum terug aan publiek

AMSTERDAM - Het was ooit het modernste gebouw van Amsterdam. Een plek waar de leden van het Genootschap Natura Artis Magistra samenkwamen en het eerste museumgebouw met een tentoonstellingsfunctie in ons land. Het Groote Museum, geopend in 1855, is sinds 1947 niet meer toegankelijk voor publiek. Daar komt verandering in, nu Artis het monumentale gebouw gaat restaureren en er weer een museum van maakt.

Daarmee komt er op het vrij toegankelijke Artisplein naast Micropia een tweede museum. „Een oud gebouw met nieuwe natuur”, zegt Artis-directeur Haig Balian. Hier komt de samenhang tussen mens en natuur in de huidige tijd centraal te staan, waarbij het publiek wordt gewezen op de invloed die het heeft op de aarde. Artis gaat voor de programmering nauw samenwerken met het Wereld Natuur Fonds.

Zalen terug in oorspronkelijke staat

De dierentuin brengt de zalen zoveel mogelijk terug naar de oorspronkelijke staat, naar het ontwerp van toenmalig stadsarchitect J. van Maurik. „In die tijd was het gebouw hypermodern”, zegt Balian. „Mensen rookten enorm veel en er was een revolutionair luchtcirculatiesysteem. Verder was transparantie heel belangrijk, vandaar ook de vele ramen.” Het Groote Museum was in die tijd een plek waar mensen de natuur bestudeerden, maar ook samenkwamen voor tentoonstellingen, voordrachten, concerten en toneelstukken. „Het was het culturele hart van de stad. Je had toen nog geen Stadsschouwburg of Concertgebouw.”

In 1947 moest het museum de deuren sluiten uit financiële nood. Sinds die tijd werden de benedenzalen nog wel gebruikt voor bijeenkomsten, maar bleven de bovenzalen dicht voor buitenstaanders.

Einde restaurantie nog niet bekend

Met de aanpak van het Groote Museum sluit Artis een periode van vernieuwing, die in 2003 begon, af. Hoe lang de restauratie duurt, kan Balian niet zeggen. Hoewel het grootste deel van het negentiende-eeuwse interieur nog in tact is, vertoont het gebouw flinke gebreken en is de fundering volledig rot. Onder het pand komt een kelder, die als museumentree moet dienen. De directeur verwacht dat het museum „over een paar jaar” opengaat. Het project kost zo’n 18 miljoen euro, dat deels met behulp van particuliere schenkingen bij elkaar is gebracht.