Nieuws/Binnenland
125262
Binnenland

Ziekenhuis wil Maxim Förster niet meer helpen na gemiste diagnose

Patiënt bloedt voor flater

Maxim Förster leest zijn zoontje voor in het ziekenhuis, waar zijn klachten vier dagen lang afgedaan werden als ’hyperventilatie’.

Maxim Förster leest zijn zoontje voor in het ziekenhuis, waar zijn klachten vier dagen lang afgedaan werden als ’hyperventilatie’.

Herseninfarctpatiënt Maxim Förster (26) uit Deurne is niet langer welkom in het Elkerliek Ziekenhuis in zijn woonplaats. Bestuur en artsen van het ziekenhuis zijn buitengewoon nijdig dat de mogelijke taxatiefout – een gemiste diagnose van zijn hersenbloeding – eerder deze week in kranten en op televisie werd gemeld.

Maxim Förster leest zijn zoontje voor in het ziekenhuis, waar zijn klachten vier dagen lang afgedaan werden als ’hyperventilatie’.

Maxim Förster leest zijn zoontje voor in het ziekenhuis, waar zijn klachten vier dagen lang afgedaan werden als ’hyperventilatie’.

De patiënt wordt daar nu voor gestraft, zo ervaart Maxims 31-jarige vrouw Hanneke Föster-Wind het. Zij schreef deze week een e-mail aan onder meer De Telegraaf om aandacht te vragen voor het feit dat haar man vier dagen moest wachten voordat zijn acute klachten „eindelijk serieus” werden genomen en een behandeling kon beginnen.

Maxim Förster verliet gisteren rond het middaguur het Elkerliek. Om er ’nooit meer’ terug te mogen komen…

Letselschadespecialist Yme Drost uit Hengelo, die het gezin in deze kwestie bijstaat, noemt de zaak ’tuchtwaardig’. „Een arts die een patiënt op voorhand weigert? Dat kán helemaal niet!” Het ziekenhuisbestuur reageert in een ’statement’, waaraan gistermorgen lang werd gesleuteld, dat ’een goede vertrouwensrelatie tussen een arts en zijn patiënt essentieel is voor beiden’.

Maxim Förster met zijn vrouw  Hanneke.

Maxim Förster met zijn vrouw Hanneke.

„Maar wij zijn, ondanks wat er allemaal is gebeurd, ons vertrouwen in deze dokter, haar collega’s en het ziekenhuis helemaal niet kwijt… Zij wel in ons, omdat wij kritiek hebben.”

Hanneke Förster probeert thuis in Deurne de aandacht erbij te houden. Haar twee kleintjes willen middageten van mamma, ze schreeuwen om het hardst. De twee honden moeten nodig uitgelaten. Schoonmoeder is net weg om weer aan het werk te gaan. Continu schetteren de mobiele telefoons. „Het is één grote heksenketel hier…!” En, in de verduisterde slaapkamer, om zo veel mogelijk prikkels buiten te sluiten, ligt Maxim bij te komen van een beangstigende week die op maandag 3 april begon.

Maxim Förster werd toen met spoed in het ziekenhuis opgenomen, maar al snel weer naar huis gestuurd. Zijn acute, beangstigende klachten berustten, aldus de artsen, slechts op ’hyperventilatie’. Symptomen die leken op een ’beroerte’ (gestoorde spraak, een hangend gezicht) werden niet als zodanig ingeschat. Vier dagen later werd alsnog een herseninfarct vastgesteld.

Hanneke Förster: „Afgelopen donderdag hadden wij een gesprek met de behandelend neuroloog en het hoofd van de afdeling Cliëntenbelangen. De arts gaf daarin aan dat zij en haar collega’s hard geraakt waren door de aandacht in de media, of wij dat konden begrijpen? Wij gaven aan dat we dat begrepen, maar vroegen ook of zíj zich konden voorstellen hoe dit alles voor óns is geweest. Daar werd niet op ingegaan. Zij waren meer met zichzelf bezig, dan met ons als patiënt.”

De arts vertelde, zegt Hanneke, dat zij en haar collega’s door die aandacht in de media – de stress daardoor – mogelijk fouten zouden kunnen gaan maken. „Het zou hen negatief kunnen beïnvloeden bij het nemen van medische beslissingen. Vandaar dat zij ons niet langer als patiënt wilden hebben, omdat wij kennelijk meteen naar de krant lopen.”

Dan, als zij opnieuw Dain van drie jaar en Quin van anderhalf even tot rust heeft weten te krijgen, zegt zij: „Stress? Door de media? Dat lijkt me ’peanuts’ voor een dokter die stress gewend moet zijn. Het lijkt ons dat er heel wat meer spanning bij komt kijken als een arts levensreddend bezig is.”

Hoewel het Elkerliek Ziekenhuis patiënt Förster zegt te willen helpen bij het vinden van een second opinion-arts in een academisch ziekenhuis, moet het gezin nu zelf op zoek naar een vervangende behandelaar voor Maxim.

Hanneke Förster: „Maar dit is óns ziekenhuis, als er ooit iets zou gebeuren… dan moeten we uitwijken naar elders. Omdat de dokters zich hier op hun teentjes getrapt voelen. Dat kán toch niet waar zijn!”

<h2>Melding vanwege aandacht</h2>

De voorzitter van de raad van bestuur van het Elkerliek Ziekenhuis, Betty van de Walle, meldt in een schriftelijke reactie dat haar ziekenhuis de kwestie met Förster inmiddels heeft gemeld bij de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ).

„Vanwege de publicitaire aandacht hebben we de Inspectie voor de Gezondheidszorg geïnformeerd over deze zaak”, voegt zij daaraan toe.

Van de Walle stelt het te betreuren wanneer een patiënt of zijn familie niet tevreden is „over een behandeling of onze communicatie.” En: „We beseffen heel goed dat deze patiënt en zijn familie een schokkende ervaring hebben gehad. De gang van zaken heeft een grote impact op hen. Dat betreuren we zeer en we leven met hen mee.”

Een vrijwel onbemande Inspectie bleek gistermiddag niet in staat te reageren. „Tja, het is vandaag Goede Vrijdag, ik kan niet garanderen dat wij tot een commentaar in staat zijn”, stelt IGZ-woordvoerder Diane Bouhuijs. Een reactie bleef dan ook uit.

</div>

<h2>’Eigen draai aan verhaal’</h2>

Letselschadespecialist Yme Drost, die het gezin Förster juridisch bijstaat, vindt het ’verbazingwekkend’ dat het ziekenhuis zich slechts ’vanwege de publicitaire aandacht’ tot de IGZ heeft gewend. „Ziekenhuizen behoren vermeende calamiteiten altijd standaard te melden. Ook als dergelijke zaken níét in de media komen.”

De raadsman zegt uit deze hele kwestie de indruk te krijgen dat het Elkerliek Ziekenhuis een eigen draai wil geven aan de gebeurtenissen die zich hebben afgespeeld.

„Daarmee is het niet het enige ziekenhuis dat dit doet. Ik zie het vaak: ziekenhuisbesturen die met een vertaling van de feiten komen, die ver af staat van de gebeurtenissen rond een patiënt. Ze trappen hard op de rem en blijven in de fase van ontkenning van wat er is gebeurd. Dergelijke ziekenhuizen zijn duidelijk nog niet klaar voor de toekomst.”

</div>