Nieuws/Wat U Zegt

Respondenten zetten vraagtekens bij uitjouwverbod

Uitslag Stelling: Handhaving het probleem

1 / 2

BAKKER, RONALD

Goed dat Amsterdam met een verbod op straatintimidatie komt, zeggen de deelnemers aan de Stelling van de Dag, maar „in de praktijk is het een papieren tijger omdat de politie nu al niet in staat is om op straat naar behoren te handhaven”.

1 / 2

BAKKER, RONALD

Ruim 80 procent verwacht weinig van de uitvoering van het verbod waarmee de gemeenteraad deze week instemde en dat het uitjouwen, uitschelden en lastigvallen van mensen op straat strafbaar stelt. Het is niet te handhaven, zo stellen zij. Er is bij de politie nu al voor veel zaken geen tijd. „Het is puur symboolpolitiek die niets zal uithalen. Praatjes voor de vaak”, mort iemand.

Uit onderzoek blijkt dat 83% van de vrouwen onder de 35 jaar op straat ongewenste aandacht krijgt in de vorm van nafluiten, sissen, joelen of erger. Ook homo’s worden vaak lastiggevallen. Een zorgelijke ontwikkeling, vinden de stemmers. Dat zulk gedrag wordt aangepakt, juichen zij dan ook toe. „Iedereen heeft het recht om ongehinderd over straat te kunnen lopen. Blijkbaar is er een bepaalde groep mensen die vrouwen en homo’s minderwaardige schepsels vinden”, merkt iemand verontwaardigd op.

De meerderheid complimenteert Amsterdam dat ze het voortouw heeft genomen en het verbod in de Algemene Plaatselijke Verordening heeft opgenomen. Daders die worden gesnapt kunnen maximaal 4100 euro boete krijgen. „Mooi, zo’n hoge boete”, maar die zal toch nooit uitgedeeld worden”, sombert er een. „Dus inderdaad een wassen neus!”

Twee derde vindt dat het verbod ook landelijk moet worden ingevoerd, ook al zetten ze hun vraagtekens bij de handhaving.

„Het gaat ook om een stuk bewustwording bij bepaalde types, die menen dat alles maar geoorloofd is. Alleen door daadwerkelijk te straffen, worden ze met hun neus op de feiten gedrukt.” Maar de bewijslast zal moeilijk worden, zo beamen velen. „Het is jouw ja tegen zijn nee”.

Ook heeft driekwart er weinig vertrouwen in dat vrouwen, homo’s en andere slachtoffers die aangifte doen serieus worden genomen. Zo spreekt een vrouwelijke respondent uit ervaring: „Als de Amsterdamse politie al geen aangifte wil opnemen als je van je fiets de bosjes wordt ingetrokken, dan zullen ze hier zeker niets aan doen.”

En wanneer is iets intimidatie? Zoals een respondent stelt: „Als Achmed of lelijke Henk iets roept is dat intimidatie, maar een lekker ding mag dan wel iemand nafluiten?”

Seksuele voorstellen doen, hinderlijk volgen, onbetamelijke opmerkingen en obscene gebaren maken vallen volgens de respondenten duidelijk onder intimidatie. Uitjouwen en sissen worden met respectievelijk 69% en 58% als iets minder hinderlijk gedrag beschouwd. Nafluiten valt er voor de meesten niet onder. „Dat is gewoon leuk en ook een compliment”, stelt een vrouw die zegt ’het wel eens te missen’ nu ze 61 is.

Hoewel de meerderheid het verbod als een wassen neus ziet menen velen dat het een opstap kan zijn naar het (eindelijk) serieus nemen van een enorme ergernis. „Het respect voor elkaar is tegenwoordig ver te zoeken. Dus dan maar op deze manier. We moeten laten zien dat we dit gedrag niet tolereren.”

Vijftien procent ziet niets in een verbod. „Het is verloedering van de sociale omgangsvormen. Dat gaat een verordening niet verbeteren. Het is een kwestie van opvoeden.”

Margo Stols