1321049
Nieuws

Economische revolutie zet Den Haag op stelten

Rick van der Ploeg en Willem Vermeend

Rick van der Ploeg en Willem Vermeend

Veel politieke partijen doen dure beloften aan  kiezers die ze straks niet kunnen waarmaken. De verkiezingsprogramma’s zijn gebaseerd op de huidige economie, terwijl de nieuwe economie, aangeduid als Economie 4.0, al van start is gegaan. In de programma’s is daardoor onvoldoende rekening gehouden met de ingrijpende gevolgen van digitalisering, automatisering, de internationale trend van minder vrijhandel, de toenemende internationale concurrentie en de belastingoorlog tussen landen. De programma’s zijn daardoor nu al verouderd.

Rick van der Ploeg en Willem Vermeend

Rick van der Ploeg en Willem Vermeend

Het komende decennium krijgt Nederland te maken met Economie 4.0 die gekenmerkt wordt door ten minste vijf internationale trends die onze maatschappij, de huidige economie (3.0) en de arbeidsmarkt ingrijpend zullen beïnvloeden. Door deze economische en technologische revolutie kunnen de verkiezingsprogramma’s de prullenbak in. Het gaat daarbij om:

1. De verdere opmars van de digitalisering van alle productie- en bedrijfsprocessen

Veel bedrijven, overheden en instellingen zijn daarop niet voorbereid en dat leidt tot problemen op onze arbeidsmarkt. De vraag naar werknemers die kunnen omgaan met digitalisering en nieuwe technogie neemt sterk toe, maar deze vacatures kunnen door een groot gebrek aan technisch opgeleide mensen niet worden ingevuld.

2. De supersnelle toepassingen van innovatieve technologieën die ons bedrijfsleven en de arbeidsmarkt op zijn kop gaan zetten

Voorbeelden zijn: 3D-printen, Internet of Things (Iot), Big Data, Kunstmatige Intelligentie, Robots Blockchain, Fotonica, Drones. Bedrijven die niet snel genoeg digitaliseren en gebruik maken van deze technologieën zullen Economie 4.0 niet overleven; ze vallen om. Daarnaast gaan er door deze technologische revolutie honderdduizenden bestaande banen en onderdelen van functies verloren. Dit keer niet alleen voor lager geschoolden, maar ook voor hoger opgeleiden, zoals accountants, artsen en juristen. Daartegenover staan wel nieuwe banen die door deze revolutie worden gecreëerd. Maar overal neemt de bezorgdheid toe. Het resultaat van banencreatie en banenverlies zou op de korte termijn wel eens tot minder banen kunnen leiden en een hogere werkloosheid.

3. Minder vrijhandel, minder open grenzen, mede onder invloed van het beleid van Trump en protestpartijen.

Deze ontwikkelingen pakken voor een exportland als Nederland slecht uit. Onze economische groei en werkgelegenheid zijn sterk afhankelijk van internationale handel. Minder handel leidt bij ons tot een lagere economische groei, een verlies aan banen en een lagere welvaart.

4. De immense gevolgen van het wereldwijde Klimaatakkoord van Parijs

Bijna 200 landen en de EU hebben december 2015 in Parijs afgesproken dat rond het jaar 2200 de opwarming van de aarde maximaal 2 graden Celsius mag zijn. Daarvoor is het nodig dat in 2050 de wereldwijde CO2-uitstoot rond nul ligt. De totale kosten om dit te realiseren bedragen ruim 13 biljoen dollar. In Nederland gaat het om ongeveer 200 miljard euro. Tegenover deze ‘kostenpost’ staan gelukkig wel aanzienlijke voordelen, zoals een gezonde leefomgeving, een groene economische groei en nieuwe banen.

Experts gaan ervan uit dat vooral innovatieve technologie de aardbol moeten redden. Voor onze zogenoemde Smart Industry (www.smartindustryboek.nl) liggen hier kansen voor nieuwe omzet die ook veel werk oplevert. Daarbij gaat het om het ontwikkelen van slimme producten en diensten op verschillende terreinen, o.m. elektrisch verkeer, duurzame energie, energie-arme apparatuur, energie-neutrale en energie-plus gebouwen en woningen.

5. Een verscherping van de internationale concurrentie

De concurrentie tussen landen neemt sterk toe. Daardoor worden in steeds meer landen banen weggeautomatiseerd en werknemers vervangen door slimme softwareprogramma’s en robots. Daarnaast zien we nu al het begin van een belastingoorlog. De tarieven van de winstbelasting gaan in veel landen omlaag richting 15-10% en de toptarieven in de inkomstenbelasting komen in de meeste landen rond de 45% te liggen.

Nederland behoort met een tarief van 25% voor bedrijven (vennootschapsbelasting) en een toptarief van 52% in de inkomstenbelasting tot de landen die te maken krijgen met ondernemingen en werknemers die gaan verhuizen naar landen met lagere tarieven. Als we deze hoge tarieven niet verlagen, verliezen we straks vele honderdduizenden banen. In de meeste verkiezingsprogramma’s is met de gevolgen van automatisering en de noodzaak van deze belastingverlagingen geen rekening gehouden. Er zijn zelfs partijen die de verhuizing van onze bedrijven en banen naar het buitenland bevorderen door de belastingen voor ondernemers en hogere inkomens te verhogen.

Impact Economie 4.0

Politieke partijen hebben nog weinig oog voor de impact die Economie 4.0 heeft op onze arbeidsmarkt en welvaart. In de verkiezingsprogramma’s 2018-2021, gaat het vooral om ineffectieve banenplannen, arbeidsmarktmaatregelen uit de oude doos en dure beloften op het terrein van zorg, pensioenen en sociale zekerheid die niet waargemaakt kunnen worden. Dat geldt ook voor zekerheid op de arbeidsmarkt, in de vorm van vaste banen.

De nadruk op zekerheid zien we ook terug in het rapport van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) met de titel “Voor de zekerheid. De toekomst van flexibel werkenden en de moderne organisatie van arbeid.” Het vervelende is dat Economie 4.0 juist gekenmerkt wordt door onzekerheid die in belangrijke mate wordt veroorzaakt wordt door de hierboven vermelde internationale trends waar Nederland, hoe dan ook ,mee te maken krijgt. Aan die impact heeft de WRR onvoldoende aandacht geschonken. Maar ze staan daarbij niet alleen.

De businessmodellen van veel bedrijven in Nederland zijn nog gebaseerd op de oude economie. Deze ondernemers onderkennen onvoldoende dat Economie 4.0 al van start is gegaan en dat ze hun model snel moeten vernieuwen. Wie dat niet doet loopt het risico dit decennium niet te overleven.

Het Nederlandse onderwijs is onvoldoende gericht op de toekomst en leidt op voor banen en werk dat over enkele jaren niet meer bestaat. Het is nodig dat het onderwijs in samenwerking met Smart Industry programma’s ontwikkelt voor de wereld van Economie 4.0 (waaronder om -en bijscholing). Daarnaast moet Den Haag meer geld besteden aan onderwijs op het terrein van technologie op alle niveaus en vooral zorgt dat onze jeugd zodanig wordt opgeleid dat ze snel kan inspelen op toekomstige technologische en maatschappelijke ontwikkelingen.

Toekomst

Nederland behoort in Europa tot de meest welvarende landen met een sterke economie, gezonde overheidsfinanciën en goede stelsels op het terrein van sociale zekerheid, zorg en pensioenen. Maar om deze positie te kunnen behouden moet politiek Den Haag samen met werkgevers en werknemers na de verkiezingen eensgezind een aansprekend beleid voor de toekomst ontwikkelen.

De nu al achterhaalde verkiezingsprogramma’s helpen daarbij niet. Maar wel staat vast dat we alles in huis hebben om uit te groeien tot een land met een slimme en groene economie die in de wereld voorop loopt. Voor een nieuw kabinet zou dit de doelstelling moeten zijn. Nederland: slim, groen en internationaal.