Nieuws/Binnenland
1322833041
Binnenland

Verdachte steekpartij Leeuwarden naar Pieter Baan Centrum

LEEUWARDEN - De Iraniër die ervan verdacht wordt deze zomer bij het treinstation in Leeuwarden een 64-jarige man te hebben neergestoken, wordt opgenomen in het Pieter Baan Centrum (PBC). Donderdag verscheen Rezgar P. (38) voor de rechtbank in Leeuwarden.

Het Openbaar Ministerie verdenkt hem van een poging tot moord. P. heeft bekend bij de politie, maar ontkende bij de eerste inleidende zitting in de rechtbank. „Ik heb meneer niet met een mes neergestoken”, zei hij via een tolk. Op verzoek van het Openbaar Ministerie wordt P. in het PBC psychisch onderzocht. Mogelijk kampt hij met mentale problemen, denkt ook zijn advocaat. „Ik heb niet het gevoel dat mij daar een dienst wordt bewezen”, aldus P. zelf over de opname.

Het slachtoffer werd vrijdag 19 juni rond het middaguur meerdere keren met een mes geraakt, in zijn hoofd, hals, borst en buik. Hij zat op dat moment in zijn auto, die geparkeerd stond voor het station. De man raakte zwaargewond. Hij vermoedt een aanslag door de Iraanse regering omdat hij banden heeft met de Nederlandse tak van de Koerdische Democratische Partij Iran (KDPI). De man is jaren geleden gevlucht vanuit Iran. Het OM heeft dit scenario onderzocht, maar geen aanwijzingen gevonden.

In het onderzoek naar het steekincident zijn diverse getuigen gehoord. Ook familieleden van P. in Australië en Zweden zijn door de politie ondervraagd. P. verblijft sinds dit voorjaar in Nederland en woonde in Rotterdam. Hij zou 19 juni hebben afgesproken met het slachtoffer en per trein naar Leeuwarden zijn gekomen. P. stond ingeschreven bij de Erasmus Universiteit. Ook medestudenten en een hoogleraar zijn gehoord.

Het is niet bekend wanneer de zaak inhoudelijk wordt behandeld. Over maximaal drie maanden is er weer een korte tussentijdse zitting. P. blijft in voorarrest. Hij zei tegen de rechters dat hem in de gevangenis gif is toegediend en hij onder grote psychische druk staat. Ook twijfelt hij over de „rechtmatigheid van de rechtbank.” Hij is daarom in hongerstaking gegaan. P. onderbrak die donderdag vanwege de zitting. „Maar ik ga ermee door.”