Nieuws/Binnenland

’Help, ik woon nog thuis’

Steeds meer jongeren komen niet aan een vaste baan of betaalbaar huis en blijven daardoor langer bij ouders in de kost.
1 / 2

Steeds meer jongeren komen niet aan een vaste baan of betaalbaar huis en blijven daardoor langer bij ouders in de kost.

Foto 123RF

Kampen - Starter Wim Duitman (27) kan geen kant op. Met een tijdelijk contract, een studieschuld en gebrek aan betaalbare woningen is op eigen benen staan onmogelijk. Dit betekent dat Wim voorlopig bij zijn ouders woont.

Steeds meer jongeren komen niet aan een vaste baan of betaalbaar huis en blijven daardoor langer bij ouders in de kost.
1 / 2

Steeds meer jongeren komen niet aan een vaste baan of betaalbaar huis en blijven daardoor langer bij ouders in de kost.

Foto 123RF

Een huis kopen is op dit moment helemaal niet aan de orde en ook een huis huren blijkt een lastige opgave. „Zonder een vast contract en voldoende inkomen kun je niets op de particuliere markt. Daarom sta ik nu in de wachtrij voor een sociale huurwoning”, zegt Wim.

„Je merkt aan alles dat het geen gezonde situatie is om op je 27e nog thuis te wonen. Voor mij is het niet prettig, maar ook mijn ouders willen verder. En dat begrijp ik heel goed.”

Twintigers wonen steeds langer thuis en sommige jongeren keren na hun studie weer terug naar het ouderlijk huis. Ook Wim heeft anderhalf jaar op zichzelf gewoond en behoort daarmee tot de boemerang-generatie. Hij maakt zich zorgen. „Mijn generatie heeft het lastig met het krijgen van een vaste baan en steeds meer jongeren bouwen een studieschuld op door de invoering van het leenstelsel”, aldus Wim. „Ik denk dat zij op dit moment echt tekort worden gedaan, maar ik ben niet het type dat in een slachtofferrol gaat zitten”.

Wim hoopt dat er na de verkiezingen een aantal dingen in Nederland gaat veranderen. Vooral de strenge regels op de woningmarkt zitten hem dwars. „Ik val buiten de huursubsidie en voor bepaalde huurwoningen heb je een modaal inkomen nodig. Als je daar net onder valt, heb je een probleem en moet je wachten. Op die manier kan je geen kant meer op. Bovendien moet het voor werkgevers weer aantrekkelijk worden om een vast contract aan te bieden.”