Nieuws/Wat U Zegt

’Zolang niet alle landen meedoen heeft het geen nut’

Uitslag Stelling: Duurzaamheid vooral duur

1 / 2

© Dijkstra b.v.

Streven naar een groene samenleving is mooi, maar ruim de helft van de stellingdeelnemers ziet er niets in om overhaaste beslissingen te nemen. Toch beseft de meerderheid dat andere energiebronnen op termijn wel noodzakelijk zijn.

1 / 2

© Dijkstra b.v.

Ruim een op de drie deelnemers vindt dat we, waar mogelijk, onmiddellijk moeten overschakelen naar groene stroom. Nederland kan daarin zelfs een leidende rol nemen, zo vindt een van hen, die verklaart: „Om in de toekomst een gezonde economie te krijgen, moet je op de lange termijn denken en nu van start gaan met vergroening.”

Een andere voorstander pleit er juist voor om niet het beste jongetje van de klas te willen zijn: „Dit moet je wereldwijd aanpakken. Probeer eerst de grote landen zoals Amerika voor dit idee te winnen. Wat kan Nederland bereiken, als klein puntje op de kaart?” Dit argument wordt ook gebruikt door de tegenstemmers: „Zolang niet alle landen meewerken heeft het geen nut”, klinkt het.

Nu VVD, CDA, D66 en GroenLinks in gesprek zijn over een mogelijke formatie, zien velen de bui al hangen: „Dat kan leuk worden, als GroenLinks in het nieuwe kabinet komt”, moppert iemand. „De prijzen op energie zullen de pan uitrijzen, kolencentrales worden gesloten, alle koeien moeten het land uit en op auto’s komt dubbele belasting” voorspelt deze lezer, die maatregelen als spaarlampen en de verwarming een graadje lager zetten wel genoeg vindt.

Ruim twee derde van de deelnemers gelooft niet dat een kabinet dat uit genoemde partijen wordt gevormd, de transitie naar een groene samenleving op de rails krijgt. Jammer, zo vindt een voorstander: „Het is beangstigend hoe traag Nederland werk maakt van de transitie, gezien het overweldigende bewijs van een opwarmend klimaat en de uitstoot van fossiele brandstoffen.”

De tegenstanders ontvangen zulke opmerkingen veelal met hoongelach. Termen die daarbij veelvuldig vallen zijn ’luchtfietserij’, ’milieumaffia’, ’geldklopperij’ en ’allemaal onzin’. „Het wordt gebracht onder het mom van klimaatverandering, maar feit is dat er gewoon weer eens geld moet worden verdiend”, schrijft iemand wantrouwend. „Terwijl het klimaat gewoon doet wat het wil, ongeacht wat wij daar als mensheid aan doen.” Op 10 procent van de stemmers na gelooft iedereen dat de overgang naar een groene economie hen geld gaat kosten. „Laat dat ’zaamheid’ er maar af.”

Toch pleiten zowel voor- als tegenstanders van een spoedige overgang naar een groene samenleving voor energiebesparende maatregelen. Het bouwen van energieneutrale nieuwbouwwoningen vindt twee derde een goed idee. Het plan van datacenters om hun restwarmte te gebruiken voor verwarming van honderdduizenden huishoudens wordt door bijna 90 procent toegejuicht. „Innovatie is noodzakelijk”, vindt iemand die voorstelt om niet alleen in te zetten op wind- en zonne-energie.

Windenergie krijgt het sowieso zwaar te verduren: windmolens worden door velen aangemerkt als subsidieverslinders, en er wordt stevig getwijfeld aan hun ’groenheid’. „Om een windmolen te bouwen is namelijk heel veel fossiele brandstof nodig”, verklaart een van hen.

Kan een minister voor Duurzaamheid soelaas brengen? „Bespaar me”, grapt iemand, die namens driekwart spreekt. „Dat wordt iemand van GroenLinks, en die slaan al door op alle fronten.”

Eline Verburg