Nieuws/Binnenland
1357297
Binnenland

Verdachten wilden geld en mishandelden slachtoffers urenlang

Smoesje leidde naar marteling: peuk in billen, hamer op hoofd

Verdachten Aurilio V., Zakaria L., Elias A. en Mohammed A., die hun vijfde medeverdachte thuis zagen blijven.

Verdachten Aurilio V., Zakaria L., Elias A. en Mohammed A., die hun vijfde medeverdachte thuis zagen blijven.

Rotterdam - Ze wilden geld. Om dat te krijgen zouden de verdachten hun slachtoffers gegijzeld hebben en op sadistische wijze gemarteld. Vijf mannen – van 24 tot 32 jaar – staan in de extra beveiligde rechtbank in Rotterdam terecht voor de gruweldaden. Vandaag horen ze van het Openbaar Ministerie de strafeis.

Verdachten Aurilio V., Zakaria L., Elias A. en Mohammed A., die hun vijfde medeverdachte thuis zagen blijven.

Verdachten Aurilio V., Zakaria L., Elias A. en Mohammed A., die hun vijfde medeverdachte thuis zagen blijven.

Op 29 november werd een slachtoffer met een smoesje naar de woning van zijn oude vriend Zakaria L. gelokt. Ze kenden elkaar ‘van kinds af aan’. Hij ontving een whatsappje van L., die had nieuwe trainingspakken in huis, of hij wilde komen kijken.

Het slachtoffer nam een vriend mee. Eenmaal in de woning verschenen er mannen met bivakmutsen en vuurwapens. De twee slachtoffers werden vastgebonden, geslagen en geschopt.

Een van de mannen werd met een hamer op zijn hoofd zijn geslagen, sigarettenpeuken werden op zijn billen uitgedrukt. Hij kreeg een vork in zijn been gestoken, met een mes werd in zijn arm gesneden. De verdachten zouden hem uitgekleed hebben om hem daarna op te foto te zetten. Het andere slachtoffer probeerden ze te verkrachten met een wc-borstel.

Met een doorgeladen pistool op zijn slaap hoorde het slachtoffer een van zijn folteraars zeggen dat hij zijn moeder en vriendin zou vermoorden. Het slachtoffer moest beloven dat hij 10.000 euro zou betalen. De gewelddadige gijzeling duurde een paar uur. ’s Nachts werden de mannen weer vrijgelaten.

„Ik dacht dat ik die nacht dood zou gaan”, las zijn advocaat de verklaring van het slachtoffer voor. „Ik ben urenlang vernederd.” Gericht tegen de verdachten: „Jullie hebben me zo hard met een hamer op mijn hoofd geslagen dat ik nog dagelijks hoofdpijn heb. Na een jaar kan ik het nog steeds geen plekje geven. Dit achtervolgt mij nog iedere dag.”

Het is slechts een van de feiten waarvoor de verdachten terecht staan. Op 9 december zouden ze een slachtoffer gegijzeld hebben die, toen hij ontsnapte, werd beschoten. Ook van hen eisten de verdachten geld. Een andere man werd in zijn eigen woning bedreigd met een wapen, tot hij zijn pincode afstond.

In de rechtbank zaten vier ontkennende verdachten – nummer vijf was niet verschenen. Mannen die grijnsden bij het aanhoren van een slachtofferverklaring. Die glimlachten bij het horen van de samenvatting van hun strafblad en die elkaar knipogen gaven tijdens de feitenbehandeling.

Een van hen, Elias A. (25) schoot ook nog op 4 december twee mannen in hun been in café Liv in Rotterdam. Volgens A. ging zijn wapen ‘per ongeluk af’. „Ik raakte zelf in paniek.” Op camerabeelden die het OM toonde was te zien hoe doeltreffend hij de mannen beschoot. De rechter: „Het lijkt op iemand die redelijk koelbloedig bezig was.”

A. staat bekend als ‘zware jongen’. Afgelopen januari ontsnapte hij tijdens zijn voorarrest, nadat hij – onder begeleiding - vanuit de gevangenis was overgebracht naar het ziekenhuis. Daar werd gips van zijn hand verwijderd. Met een handboei nog aan zijn linkerpols, ging hij er vandoor. A. werd op de Nationale Opsporingslijst gezet en ruim een maand later op een onderduikadres in Brabant gevonden.