Nieuws/Binnenland
1386223
Binnenland

Kritiek president Algemene Rekenkamer

Onduidelijkheid over overheidsuitgaven

De president van de Algemene Rekenkamer, Arno Visser.

De president van de Algemene Rekenkamer, Arno Visser.

Den Haag - De Algemene Rekenkamer is kritisch over hoe er met belastinggeld wordt omgesprongen. President Arno Visser stelt dat bij slechts dertig procent van de bestedingen valt te controleren wat ermee wordt gedaan en wat het effect van de uitgaven is.

De president van de Algemene Rekenkamer, Arno Visser.

De president van de Algemene Rekenkamer, Arno Visser.

Visser stelt in het wekelijkse discussieprogramma Buitenhof dat veel systemen „nodeloos ingewikkeld” zijn geworden. Als voorbeeld geeft hij het onderwijs. „Er is 1,2 miljard euro uitgegeven voor betere leraren, maar het kan net zo goed aan andere dingen zijn uitgegeven. Dat is onbekend”, zegt de baas van de Rekenkamer. „Bovendien kan geen school leren van een andere school.”

Onderwijs

Eerder dit weekend onthulde De Telegraaf de resultaten van een onderzoek onder leraren in opdracht van de Tweede Kamer. Ook op de werkvloer zijn ze kritisch over de manier waarop er met belastinggeld wordt omgesprongen. De docenten vinden het een slechte zaak dat schoolbestuurders er zo weinig verantwoording over af hoeven te leggen en dringen aan op een drastische verandering.

Op dit moment is het zo dat geld vanuit het Rijk via het zogeheten lumpsumsysteem naar scholen vloeit. Dat betekent grofweg dat elke school een zak geld krijgt en zelf mag bepalen hoeveel daarvan naar lerarensalarissen gaat, nieuw meubilair, een extra conciërge, of op een bankrekening wordt gezet als reserve. Het geeft volgens schoolbesturen veel vrijheid en weinig bureaucratie.

Spelregels

De president van de Algemene Rekenkamer heeft meer voorbeelden. Zo is de lucht in Nederland schoner geworden, maar is het volgens de rekenmeester onduidelijk of dat komt door de vele subsidies van verschillende overheden.

Ook heeft Visser kritiek op de decentralisaties in de zorg. Daar had ’Den Haag’ meer tijd voor moeten nemen en meer spelregels voor moeten bedenken, stelt de president van de Algemene Rekenkamer. Hij vindt dat er duidelijkere afspraken moeten komen over wie verantwoordelijk is en pleit voor betere informatie-uitwisseling.