Nieuws/Binnenland
1389779234
Binnenland

Rutte erkent bemoeienis onderzoek Syrische rebellen

Den Haag - Premier Rutte erkent dat hij een onderzoek naar Nederlandse steun aan Syrische rebellen heeft gedwarsboomd. „Ik heb me er in coalitieverband mee bemoeid, omdat ik het belangrijk vind.”

Eerder meldde Nieuwsuur dat Rutte zich tijdens de ministerraad expliciet zou hebben uitgesproken tegen een onderzoek naar het Nederlandse hulpprogramma voor Syrische milities, ook wel bekend als NLA-steun.

Nadat twee jaar geleden bekend werd dat Nederland tussen 2015 en 2018 steun verleende aan in totaal 22 gewapende groepen in Syrië, die verdacht worden van mensenrechtenschendingen en samenwerking met terroristen, nam de Tweede Kamer een motie aan voor een onafhankelijk onderzoek naar de kwestie. Rutte zou aan zowel coalitiepartijen als in de ministerraad hebben laten weten zo’n onderzoek absoluut niet te willen.

Bemoeizucht

Vrijdag na afloop van de ministerraad wilde de premier niet toegeven dat hij zich met de kwestie had bemoeid. Dinsdag ging hij toch overstag. Hij verklaarde geen onderzoek te willen omdat onze bondgenoten dit soort informatie ook niet naar buiten brengen, dan zou een onderzoek ’het risico op spanningen’ met zich meebrengen. Over welke bondgenoten hij spreekt, wilde hij niet kwijt.

Ook zegt de premier dat een onderzoek een gevaar zou vormen voor mensen van de gesteunde oppositie in Syrië. „Zij dreigen dan in de problemen te komen met het regime van Assad, dat weer behoorlijk stevig in het zadel zit.” Tot slot zouden operationele aspecten van de steun alleen vertrouwelijk gedeeld kunnen worden, volgens Rutte. „Alle relevante informatie is deels vertrouwelijk gedeeld in debatten en in Kamervragen.”

Kritiek

Verschillende partijen namen hem onder vuur. „Ongehoord dat de premier zich op zo’n manier bemoeit met het politieke proces”, zei SP-Kamerlid Karabulut, die verwijst naar de beruchte toeslagenaffaire bij de Belastingdienst en de zwakke informatiepositie die het parlement daar had. CDA-Kamerlid Martijn van Helvert zegt dat de premier de feiten verdraait. „De premier zegt dat de Kamer alle vertrouwelijke stukken heeft ingezien. Dat is niet zo.” Ook mogen Kamerleden niet spreken over vertrouwelijke stukken. De CDA’er wil de motie alsnog in stemming brengen. „In 2018 had de regering geen bezwaar tegen zo’n onderzoek, waarom nu dan wel?”